Bevorzugen (voorkeur geven aan)
Leer het werkwoord "voorkeur geven aan" te vervoegen in het Duits: tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)
Alle vervoegingen en tijden: Bevorzugen (voorkeur geven aan)
Jahreszeiten, Monate und Teile des Jahres (Seizoenen, maanden en delen van het jaar)
| Duits |
|---|
| (ich) bevorzuge |
| (du) bevorzugst |
| (er/sie/es) bevorzugt |
| (wir) bevorzugen |
| (ihr) bevorzugt |
| (sie) bevorzugen |