Husten (hoesten) - Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief) Delen Gekopieerd!

Husten - Verbuiging van hoesten in het Duits: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs (Präsens, indikativ).
Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)
Alle vervoegingen en tijden: Husten (hoesten) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Syllabus: Duitse les - Krankheit und Schmerz (Ziekte en pijn)
Verbuiging van hoesten in de tegenwoordige tijd
Duits | Nederlands |
---|---|
(ich) huste | ik hoest |
(du) hustest | jij hoest |
(er/sie/es) hustet | hij/zij/het hoest |
(wir) husten | wij hoesten |
(ihr) hustet | jullie hoesten |
(sie) husten | zij hoesten |
Voorbeeldzinnen
Duits | Nederlands |
---|---|
Ich huste, weil ich Halsschmerzen habe. | Ik hoest omdat ik keelpijn heb. |
Du hustest oft, vielleicht hast du die Grippe. | Jij hoest vaak, misschien heb je de griep. |
Der Doktor sagt, er hustet wegen dem Schnupfen. | Hij hoest vanwege de verkoudheid. |
Wir husten zusammen, das ist kein gutes Symptom. | Wij hoesten samen, dat is geen goed symptoom. |
Ihr hustet schnell nach dem Laufen, braucht mehr Ruhe. | Jullie hoesten snel na het lopen, hebben meer rust nodig. |
Die Patienten husten viel, das Medikament hilft gut. | De patiënten hoesten veel, het medicijn helpt goed. |