Können (kunnen) - Konjunktiv II Präsens, konjunktiv (Aanvoegende wijs II tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs)

 Können (kunnen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Können - Verbuiging van können in het Duits: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de aanvoegende wijs II, aanvoegende tijd (Konjunktiv II Präsens, konjunktiv).

Konjunktiv II Präsens, konjunktiv (Aanvoegende wijs II tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Können (kunnen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Syllabus: Duitse les - Im Kleidungsgeschäft (In de kledingwinkel)

Vervoeging van kunnen in de konjunktiv II tegenwoordige tijd

Duits Nederlands

Voorbeeldzinnen

Duits Nederlands