Sich orientieren (zich oriënteren)

Sich orientieren (zich oriënteren)

Leer het werkwoord "zich oriënteren" vervoegen in het Duits: tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: Sich orientieren (zich oriënteren)

Als Tourist in der Stadt (Als toerist in de stad)

Duits
(ich) orientiere mich
(du) orientierst dich
(er/sie/es) orientiert sich
(wir) orientieren uns
(ihr) orientiert euch
(sie) orientieren sich