Suchen (zoeken) - Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief) Delen Gekopieerd!

Suchen - vervoeging van zoeken in het Duits: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige tijd, aantonende wijs (Präsens, indikativ).
Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)
Alle vervoegingen en tijden: Suchen (zoeken) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Syllabus: Duitse les - Im Kleidungsgeschäft (In de kledingwinkel)
Vervoeging van zoeken in de tegenwoordige tijd
Duits | Nederlands |
---|---|
(ich) suche | ik zoek |
(du) suchst | jij zoekt |
(er/sie/es) sucht | hij/zij/het zoekt |
(wir) suchen | wij zoeken |
(ihr) sucht | jullie zoeken |
(sie) suchen | zij zoeken |
Voorbeeldzinnen
Duits | Nederlands |
---|---|
Ich suche die blaue Jacke in Größe M. | Ik zoek het blauwe jack in maat M. |
Suchst du die Hose mit dem Gürtel? | Zoek jij de broek met de riem |
Er sucht das T-Shirt und die Jeans hier. | Hij zoekt het T-shirt en de spijkerbroek hier. |
Wir suchen die passenden Schuhe für den Sommer. | Wij zoeken de juiste schoenen voor de zomer. |
Sucht ihr die Tasche oder den Hut im Laden? | Jullie zoeken de tas of de hoed in de winkel |
Sie suchen die richtige Größe für den Pullover. | Zij zoeken de juiste maat voor de trui. |