Verpassen (missen)

Verpassen (missen)

Leer het werkwoord "missen" te vervoegen in het Duits: tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: Verpassen (missen)

At the airport and in the plane (At the airport and in the plane)

Duits
(ich) verpasse
(du) verpasst
(er/sie/es) verpasst
(wir) verpassen
(ihr) verpasst
(sie) verpassen