Leer in deze les de Personalpronomen im Akkusativ zoals "mich" (mij), "dich" (jou) en "uns" (ons), die directe objecten in zinnen vervangen en hun vorm verandert per persoon en getal.
  1. In de accusatief verandert de vorm van het persoonlijk voornaamwoord afhankelijk van de persoon en het getal.
Person (Persoon)Singular (Enkelvoud)Person (Persoon)Plural (Meervoud)
IchMichWirUns
DuDich IhrEuch
ErIhn SieSie
SieSie
EsEs 

Uitzonderingen!

  1. "U" wordt als formele aanspreking altijd met een hoofdletter geschreven, ook in de lijdende vorm.

Oefening 1: Personalpronomen - Akkusativ

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

sie, uns, euch, ihn, Sie, mich

1. Sie (Plural):
: Er hat ... gestern vormittag getroffen.
(Hij heeft haar gisteren in de ochtend ontmoet.)
2. Ihr:
: Wir haben ... gestern nicht gesehen.
(We hebben jullie gisteren niet gezien.)
3. Sie (Singular):
: Er kennt ... sehr gut.
(Hij kent haar heel goed.)
4. Ich:
: Du hast ... am Donnerstag angerufen.
(Je hebt me donderdag gebeld.)
5. Sie (höfliche Anrede):
: Ich sehe ... dann am Montag!
(Ik zie u dan maandag!)
6. Ich:
: Sie hört ... nicht.
(Ze hoort me niet.)
7. Wir:
: Sie sieht ... heute Nachmittag.
(Ze ziet ons vanmiddag.)
8. Er:
: Ich verstehe ... sehr gut.
(Ik begrijp hem heel goed.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. ___ Montag habe ich um 9 Uhr ein Meeting.

(___ maandag heb ik om 9 uur een vergadering.)

2. ___ Mai beginnt unser neues Projekt.

(___ mei begint ons nieuwe project.)

3. ___ halb acht trinke ich meinen Kaffee.

(___ half acht drink ik mijn koffie.)

4. ___ der Arbeit treffe ich meine Kollegen.

(___ het werk ontmoet ik mijn collega’s.)

5. ___ einem Monat lerne ich Deutsch.

(___ een maand leer ik Duits.)

6. ___ nächster Woche arbeite ich im Büro.

(___ volgende week werk ik op kantoor.)

Persoonlijke voornaamwoorden in de accusatief (lijdend voorwerp)

In deze les leer je hoe persoonlijke voornaamwoorden in het Duits veranderen wanneer ze het directe object zijn van een zin, dat wil zeggen, wanneer ze in de accusatief staan. De accusatiefvorm toont aan wie of wat de actie van het werkwoord ondergaat. Het is belangrijk om de juiste vorm van het voornaamwoord te gebruiken, omdat dit invloed heeft op de betekenis van de zin.

Overzicht van de accusatiefvormen van persoonlijke voornaamwoorden

PersoonEnkelvoudPersoonMeervoud
IchMichWirUns
DuDichIhrEuch
ErIhnSieSie
SieSie
EsEs

Belangrijke aandachtspunten

  • De accusatiefvorm vervangt het directe object van de zin en geeft het geslacht en het aantal van het object aan.
  • De vorm verandert per persoon en getal.
  • Het formele "Sie" wordt altijd met een hoofdletter geschreven, ook in de accusatief.

Voorbeelden van persoonlijke voornaamwoorden in de accusatief

  • „Ich sehe dich.“ (Ik zie jou.)
  • „Er kennt mich.“ (Hij kent mij.)
  • „Wir hören euch.“ (Wij horen jullie.)

Verschillen tussen het Duits en Nederlands

In het Nederlands veranderen persoonlijke voornaamwoorden niet afhankelijk van hun functie in de zin, terwijl ze in het Duits specifiek verbogen worden in de accusatief. Bijvoorbeeld, in het Nederlands blijft "jij" gelijk, maar in het Duits wordt "du" in de accusatief "dich".

De Duitse uitspraak en spelling van de persoonlijke voornaamwoorden verschillen ook vaak van het Nederlands, wat belangrijk is voor jou als lerende:

  • Ich (ik) wordt vaak uitgesproken als "iç".
  • Mich (mij) is de accusatiefvorm van "ich".
  • Du (jij) verandert naar dich in de accusatief.
  • Sie kan zowel "zij" (meervoud) als de formele "u" betekenen, en wordt altijd met hoofdletter geschreven als formele aanspreekvorm.

Door de verschillende vormen van persoonlijke voornaamwoorden goed te leren, kun je zinnen nauwkeuriger en natuurlijker vormen in het Duits.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Sophie Schmidt

Internationaal administratief management

Würzburger Dolmetscherschule

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

donderdag, 17/07/2025 11:36