Unterschreiben (ondertekenen) - Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief) Delen Gekopieerd!

Unterschreiben - Vervoeging van ondertekenen in het Duits: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige tijd, indicatief (Präsens, indikativ).
Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)
Alle vervoegingen en tijden: Unterschreiben (ondertekenen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Syllabus: Duitse les - Wohnen und Unterbringung (Huisvesting en accommodatie)
Verbuiging van ondertekenen in de tegenwoordige tijd
Duits | Nederlands |
---|---|
(ich) unterschreibe | ik onderteken |
(du) unterschreibst | jij ondertekent |
(er/sie/es) unterschreibt | hij/zij/het ondertekent |
(wir) unterschreiben | wij ondertekenen |
(ihr) unterschreibt | jullie ondertekenen |
(sie) unterschreiben | zij ondertekenen |
Voorbeeldzinnen
Duits | Nederlands |
---|---|
Ich unterschreibe den Mietvertrag für die Wohnung. | Ik onderteken het huurcontract voor de woning. |
Du unterschreibst den Vertrag beim Vermieter. | Jij ondertekent het contract bij de verhuurder. |
Er unterschreibt den Vertrag für das WG-Zimmer. | Hij ondertekent het contract voor de studentenkamer. |
Wir unterschreiben heute die Papiere im Haus. | Wij ondertekenen vandaag de papieren in het huis. |
Ihr unterschreibt die Miete für das neue Zimmer. | Jullie ondertekenen de huur voor de nieuwe kamer. |
Sie unterschreiben den Vertrag für das Zweifamilienhaus. | Zij ondertekenen het contract voor het tweegezinswoning. |