Das Mitobjekt

Het meewerkend voorwerp


Een meewerkend voorwerp geeft aan voor of aan wie iets gebeurt, zoals in 'aan Lies', 'voor Karel'.

(Ein indirektes Objekt gibt an, für oder an wen etwas geschieht, wie in 'aan Lies', 'voor Karel'.)

Was ist das meewerkend voorwerp?

Das meewerkend voorwerp ist das indirekte Objekt (oft eine Person/Institution), die etwas bekommt oder für die etwas gemacht wird.

  • Was wird gegeben/gesendet? = lijdend voorwerp (Akkusativobjekt)
  • Wem? oder Für wen? = meewerkend voorwerp (Dativobjekt)

Zwei Formen: ohne Präposition vs. mit Präposition

Form Signal Typische Stelle im Satz Beispiel (NL)
ohne Präposition kein aan/voor direkt nach der Personalform De receptionist geeft de gast de sleutel.
mit Präposition aan (= an/zu) oder voor (= für) meist nach dem Akkusativobjekt (oft am Satzende) De receptionist geeft de sleutel aan de gast.

Merksatz für die Wortstellung (schnell checken)

  1. Ohne Präposition: Verb + Person + Sache
  2. Mit Präposition: Verb + Sache + aan/voor + Person
Richtig Typischer Fehler
Ik stuur hem een bevestiging. Ik stuur een bevestiging hem.
Ik stuur een bevestiging aan hem. Ik stuur aan hem een bevestiging.

Wann nehme ich aan und wann voor?

  • aan = Übergabe/Adressat: geben, schicken, erklären, vertellen
    • Wij sturen het contract aan de klant.
    • Kun je de uitleg aan mij mailen?
  • voor = Nutzen/Bestimmung: etwas ist für jemanden
    • Ik regel een taxi voor u.
    • De receptionist reserveert een kamer voor ons.

Pronomen: nur die Objektform verwenden (besonders häufig)

Als meewerkend voorwerp stehen fast immer Objektpronomen:

Wer? Indirektes Objekt (NL) Beispiel
ich mij / me Kunt u mij helpen?
du jou / je Ik stuur je de link.
Sie u Ik geef u zo meteen de sleutel.
er hem We leggen hem de procedure uit.
sie haar Ik stuur haar een bericht.
wir ons De manager geeft ons feedback.
ihr jullie Ik mail jullie de agenda.
sie (Plural) hun De trainer stuurt hun de informatie.

Achtung: ik/jij/hij/zij/wij sind keine Objektformen: Kunt u ik helpen?

Mini-Selbstcheck: Erkenne & platziere richtig

  1. Finde das Verb (Persoonsvorm): geeft / stuurt / brengt / legt uit
  2. Frage: Was? → Sache (Akkusativobjekt)
  3. Frage: Wem? oder Für wen? → Person (meewerkend voorwerp)
  4. Entscheide die Form:
    • ohne Präposition → Person direkt nach dem Verb
    • mit aan/voor → nach der Sache (oft am Ende)

Häufige Stolpersteine (und wie du sie vermeidest)

  • Präposition zu früh: Ik stuur aan hem een bevestiging. → Ik stuur een bevestiging aan hem.
  • Ort/Zeit dazwischen schieben: Ik geef de sleutel aan de gast bij de balie.
    Besser: Ik geef de sleutel bij de balie aan de gast.
  • Bei Pronomen klingt „ohne Präposition“ sehr natürlich:
    • Ik geef u de sleutel. (sehr üblich)
    • Ik geef de sleutel aan u. (auch möglich, etwas formeller/mehr Betonung)
  1. Eine Präposition wie 'aan' oder 'voor' macht das indirekte Objekt erkennbar.
  2. Mit Präposition steht das indirekte Objekt meistens nach dem direkten Objekt.
  3. Ein indirektes Objekt ohne Präposition steht direkt nach dem konjugierten Verb.
 Plaats (Position)Voorbeeld (Beispiel)
Zonder voorzetsel (Ohne Präposition)Na de persoonsvorm (Nach der konjugierten Verbform)De receptionist geeft de gast de sleutel aan de balie.  (Der Rezeptionist gibt dem Gast den Schlüssel an der Rezeption. )
Met voorzetsel (Mit Präposition)Aan het einde van de zin (Am Ende des Satzes)De receptionist geeft de sleutel aan de gast. (Der Rezeptionist gibt den Schlüssel an den Gast.)

Ausnahmen!

  1. Ein meewerkend voorwerp ist oft eine Person oder eine Institution.
  2. Verwende die persoonlijke voornaamwoorden: voorwerpsvorm mij/me, jou/je, u, hem, haar, het, ons, jullie, hun als indirektes Objekt.

Übung 1: Mehrfachauswahl

Anleitung: Wähle die richtige Antwort

1. Ik geef ___ zo meteen de sleutel van uw kamer.

Ich gebe ___ gleich den Schlüssel zu Ihrem Zimmer.

2. Kunt u ___ een kamer met balkon geven?

Können Sie ___ ein Zimmer mit Balkon geben?

3. Ik stuur de factuur morgen per e-mail ___ .

Ich schicke die Rechnung morgen per E‑Mail ___ .

4. Kunt u ook ___ mijn collega een sleutel geven?

Können Sie auch ___ meinem Kollegen einen Schlüssel geben?

Übung 2: Mehrfachauswahl

Anleitung: Wähle in jeder Gruppe den Satz mit dem korrekten Gebrauch des Dativobjekts nach den Regeln: mit oder ohne Präposition und deren richtige Stellung.

1.
Falsch: Das Dativobjekt mit Präposition ‚an‘ muss hinter dem Akkusativobjekt stehen, nicht direkt nach dem Verb.
Falsch: Das Dativobjekt mit Präposition ‚an den Gast‘ steht hier falsch, weil ‚am Empfang‘ dazwischen steht.
2.
Falsch: Wenn eine Präposition verwendet wird, muss das Dativobjekt hinter dem Akkusativobjekt stehen, und ‚an das Zimmer‘ ist hier keine korrekte Dativobjektform.
Falsch: Das Dativobjekt mit Präposition ‚an‘ muss hinter dem Akkusativobjekt stehen, nicht direkt nach dem Verb.

Übung 3: Umschreiben Sie die Ausdrücke

Anleitung: Schreibe die Sätze um: Wandeln Sie ein Dativobjekt mit Präposition (an/für) in ein Dativobjekt ohne Präposition um oder umgekehrt. Achte auf die Stellung im Satz und verwende gegebenenfalls ein Pronomen (mir/mich, dir/dich, ihm, ihr, uns, euch, ihnen).

Anzeigen/Übersetzung ausblenden Hinweise einblenden/ausblenden
  1. Hinweis Hinweis (zonder voorzetsel) De docent stuurt de informatie aan de cursisten.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Beispiel
    De docent stuurt de cursisten de informatie.
    (De docent stuurt de cursisten de informatie.)
  2. Hinweis Hinweis (aan) Ik geef mijn collega een kop koffie.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Beispiel
    Ik geef een kop koffie aan mijn collega.
    (Ik geef een kop koffie aan mijn collega.)
  3. Hinweis Hinweis (zonder voorzetsel) De chef vertelt het plan aan de nieuwe medewerker.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Beispiel
    De chef vertelt de nieuwe medewerker het plan.
    (De chef vertelt de nieuwe medewerker het plan.)
  4. Hinweis Hinweis (voor) De huisarts schrijft mij een recept.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Beispiel
    De huisarts schrijft een recept voor mij.
    (De huisarts schrijft een recept voor mij.)

Übung 4: Grammatik in Aktion

Anleitung: Spielen Sie Rezeptionist und Gast; besprechen Sie das Problem und suchen Sie gemeinsam nach einer Lösung.

Anzeigen/Übersetzung ausblenden
Situation
Bij het uitchecken meldt een gast bij de receptie dat er lawaai was in de kamer.
(Beim Auschecken teilt ein Gast an der Rezeption mit, dass es im Zimmer Lärm gab.)

Diskutieren
  • Wat vertelt de gast precies over het lawaai of het uitzicht? (Was genau berichtet der Gast über den Lärm oder die Aussicht?)
  • Welke oplossingen biedt de receptionist de gast aan? Noem minstens twee mogelijkheden. Welke oplossing kiest de gast en waarom? (Welche Lösungen bietet der/die Rezeptionist/in dem Gast an? Nenne mindestens zwei Möglichkeiten. Welche Lösung wählt der Gast und warum?)

Nützliche Wörter und Redewendungen
  • Kunt u me de sleutel geven? (Können Sie mir den Schlüssel geben?)
  • Ik wil het lawaai aan de receptie melden. (Ich möchte den Lärm an der Rezeption melden.)
  • Kunt u een kamer met uitzicht op zee voor ons regelen? (Können Sie für uns ein Zimmer mit Meerblick arrangieren?)

Im Gespräch verwenden
  • Meewerkend voorwerp zonder voorzetsel na de persoonsvorm (De receptie geeft de gast de sleutel). (Dativobjekt ohne Präposition nach dem finiten Verb (Die Rezeption gibt dem Gast den Schlüssel).)
  • Meewerkend voorwerp met voorzetsel aan/voor (De receptie geeft de sleutel aan de gast). (Dativobjekt mit Präposition an/vor (Die Rezeption gibt den Schlüssel an den Gast).)

Geschrieben von

Dieser Inhalt wurde vom pädagogischen Team von coLanguage entworfen und überprüft. Über coLanguage

Profile Picture

Kato De Paepe

Wirtschaft und Sprachen

KdG University of Applied Sciences and Arts Antwerp

University_Logo

Zuletzt aktualisiert:

Mittwoch, 25/03/2026 04:26