Bijvoeglijke naamwoorden hebben drie trappen van vergelijking: de stellende trap, de vergrotende trap en de overtreffende trap.

  1. De stellende trap is het gewone bijvoeglijk naamwoord.
  2. De vergrotende trap gebruik je om een vergelijking te maken.
  3. Voor de overtreffende trap staat een lidwoord.
Trap (Trap)Uitgang (Uitgang)Voorbeelden (Voorbeelden)
Stellende trap (stellende trap)-groot, mooi, dik, klein, lief
Vergrotende trap (vergrotende trap)-ergroter, mooier, dikker, kleiner, liever
Overtreffende trap (overtreffende trap)het/de -st(e)het grootst, het mooist, het dikst, het kleinst, het liefst

Uitzonderingen!

  1. De vergrotende trap gebruikt 'dan': 'Dit huis is kleiner dan dat huis'.
  2. Onregelmatige vormen: goed → beter → best, veel → meer → meest, graag→ liever→ liefst, weinig→ minder→ minst .

Oefening 1: Trappen van vergelijking

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

zachter, liefste, zuurste, zoetst, luider, beter, minst, zouter

1. Zout:
De soep is ... geworden nadat ik zout heb toegevoegd.
(De soep is zouter geworden nadat ik zout heb toegevoegd.)
2. Zacht:
Mijn kussen is ... dan dat van jou.
(Mijn kussen is zachter dan dat van jou.)
3. Zuur:
De citroen is het ... fruit.
(De citroen is het zuurste fruit.)
4. Graag:
Ik eet het ... zoete snoepjes.
(Ik eet het liefste zoete snoepjes.)
5. Luid:
Kan je wat ... spreken? Ik hoor je niet goed.
(Kan je wat luider spreken? Ik hoor je niet goed.)
6. Weinig:
In het donker kan ik het ... zien.
(In het donker kan ik het minst zien.)
7. Goed:
Verse bloemen ruiken ... dan oude bloemen.
(Verse bloemen ruiken beter dan oude bloemen.)
8. Zoet:
Dit snoepje is het ....
(Dit snoepje is het zoetst.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. Deze koffie is ______ dan de thee, maar ik vind hem lekker.


2. In deze straat is het ’s nachts ______; je hoort bijna geen geluid.


3. Deze kamer is ______ dan de keuken, omdat er geen raam is.


4. Voor mij ruikt deze parfum ______; veel beter dan de andere geuren.


Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen met de vergrotende of overtreffende trap van het bijvoeglijk naamwoord (groot, mooi, klein, goed, veel, graag, weinig). Gebruik bij de vergrotende trap meestal 'dan' en bij de overtreffende trap 'het' of 'de'.

Toon/verberg hints
  1. Hint Hint (groter dan) Mijn appartement is groot.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Mijn appartement is groter dan dat appartement.
  2. Hint Hint (het mooist(e)) Dit is een mooi kantoor.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Dit is het mooiste kantoor van het gebouw.
  3. Hint Hint (kleiner dan) De kamer is klein.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    De kamer is kleiner dan de woonkamer.
  4. Hint Hint (beter dan) De service in dit restaurant is goed.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    De service in dit restaurant is beter dan in dat restaurant.
  5. Hint Hint (het meest) Ik drink veel koffie op mijn werk.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Mijn collega drinkt het meest koffie op ons werk.
  6. Hint Hint (het liefst) Ik ga graag naar dit café.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Ik ga het liefst naar dit café.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Kato De Paepe

Zakendoen en talen

KdG University of Applied Sciences and Arts Antwerp

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

woensdag, 07/01/2026 20:21