Het meervoud van zelfstandige naamwoorden heeft verschillende vormen zoals -en, -s, en -'s.
- De meervoudsvorm van een zelfstandig naamwoord hangt meestal af van de laatste letter of letters van het woord in het enkelvoud.
| Regel | Meervoud | Voorbeeld |
|---|---|---|
Woorden op 2 of 3 medeklinkers Woorden op -au, -ou, -ei, -ie Woorden die eindigen op -ei, -ij, -eu, -ui, -oe | -en | De berg → De bergen De klauw → De klauwen de trui → De truien |
Woorden die eindigen op -el, -en, -em, -er Woorden die eindigen op -e Verkleinwoorden Woorden die eindigen op -ie Woorden die uit een andere taal komen Woorden die eindigen op -é | -s | De tafel → De tafels Het meisje → De meisjes Het kopje → De kopjes De familie → De families Het restaurant → De restaurants Het café → De cafés |
| Woorden op -a, -i, -o, -u, -y | -’s | De auto → De auto's |
| Woorden op een dubbele klinker + medeklinker | -en (verdwijnt een klinker) | De maan → De manen |
| Woorden op -f of -s | -v of -z + en | De brief → De brieven |
Uitzonderingen!
- Na een getal krijgt een maat of een gewicht geen meervoud. Bijvoorbeeld: 'tien kilo'.
- Bij tijdsaanduidingen zoals jaar, kwartier, en uur wordt ook geen meervoud gebruikt. Bijvoorbeeld: 'twee jaar'.
- Voor eenheden zoals euro, cent gebruik je geen meervoud. Bijvoorbeeld: 'vijf euro'.
Oefening 1: Meervoud van zelfstandig naamwoord
Instructie: Vul het juiste woord in.
sessies, interesses, cafés, passies, foto's, workshops, instructeurs
Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste zin met betrekking tot meervoudsvormen en passend vocabulaire over hobbylessen.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen: zet alle zelfstandige naamwoorden in het meervoud en pas werkwoord, lidwoorden en andere woorden in de zin aan waar nodig.
-
De berg is hoog en de rivier is lang.⇒ _______________________________________________ ExampleDe bergen zijn hoog en de rivieren zijn lang.
-
Mijn collega schrijft een lange brief naar zijn familie.⇒ _______________________________________________ ExampleMijn collega s schrijven lange brieven naar hun families.
-
Op dit bureau ligt een dikke krant en een kopje koffie.⇒ _______________________________________________ ExampleOp deze bureaus liggen dikke kranten en kopjes koffie.
-
Het kind heeft een nieuwe trui en een warme sjaal.⇒ _______________________________________________ ExampleDe kinderen hebben nieuwe truien en warme sjaals.
-
In dit restaurant staat een mooie tafel met een klein kopje en een menu.⇒ _______________________________________________ ExampleIn deze restaurants staan mooie tafels met kleine kopjes en menukaarten.
-
Mijn buurman verkoopt een auto, een fiets en een kilo appel.⇒ _______________________________________________ ExampleMijn buurmannen verkopen auto s, fietsen en een kilo appels.