Korte informatievideo met instructies in de luchthaven.

1. Ga je deze vakantie via Schiphol op reis? (¿Vas a viajar estas vacaciones a través de Schiphol?) Mostrar
2. Houd er dan rekening mee dat het druk kan zijn op de luchthaven. (Entonces ten en cuenta que puede estar concurrido en el aeropuerto.) Mostrar
3. Het is vooral druk bij het inchecken, de veiligheidscontrole en de paspoortcontrole. (Está especialmente concurrido en el check-in, el control de seguridad y el control de pasaportes.) Mostrar
4. Soms moet je langer wachten in de rij. (A veces tienes que esperar más tiempo en la fila.) Mostrar
5. Kijk op tijd of je paspoort of identiteitskaart nog geldig is. (Comprueba a tiempo si tu pasaporte o tarjeta de identidad aún es válido.) Mostrar
6. Reis je met een kind dat nog geen 18 jaar is? (¿Viajas con un niño que aún no tiene 18 años?) Mostrar
7. Zorg dan dat je een toestemmingsformulier bij je hebt. (Entonces asegúrate de llevar un formulario de consentimiento contigo.) Mostrar
8. Je kunt dit formulier en je boardingpass thuis al online regelen. (Puedes gestionar este formulario y tu tarjeta de embarque en casa en línea.) Mostrar
9. Houd je boardingpass altijd bij de hand, ook bij de bagagecontrole. (Mantén siempre tu tarjeta de embarque a mano, también en el control de equipaje.) Mostrar
10. Na de controle kun je wachten in de vertrekhal op je vlucht. (Después del control, puedes esperar en la sala de salida para tu vuelo.) Mostrar
11. Als je aan boord gaat, kun je de piloot of stewardess vriendelijk groeten. (Cuando embarques, puedes saludar amablemente al piloto o a la azafata.) Mostrar
12. Doe je veiligheidsgordel om en ga lekker zitten. (Abrocha tu cinturón de seguridad y siéntate cómodamente.) Mostrar
13. Ik wens je een fijne vlucht! (¡Te deseo un buen vuelo!) Mostrar

Ejercicio 1: Preguntas de debate

Instrucción: Debatir las preguntas después de escuchar el audio o leer el texto.

  1. Waar is het vooral druk op Schiphol?
  2. ¿Dónde hay más afluencia de gente en Schiphol?
  3. Wat moet je controleren vóór je naar Schiphol gaat?
  4. ¿Qué debes comprobar antes de ir a Schiphol?
  5. Wat heb je nodig als je alleen reist met een minderjarig kind?
  6. ¿Qué necesitas si viajas solo con un niño menor de edad?
  7. Wat doe jij om je goed voor te bereiden op een vliegreis?
  8. ¿Qué haces para prepararte bien para un viaje en avión?
  9. Waar verlies jij het meeste tijd op de luchthaven?
  10. ¿Dónde pierdes más tiempo en el aeropuerto?