Leer hoe je Duitse Tageszeiten als Adverbien gebruikt, zoals morgens, nachmittags en abends, om aan te geven wanneer een handeling plaatsvindt, bijvoorbeeld: Morgens ist es windig.
Adverb (bijwoord)Beispiel (voorbeeld)
morgensMorgens ist es manchmal windig.  ('s Morgens is het soms winderig.)
vormittagsVormittags regnet es oft ein bisschen.  (Vormittags regent het vaak een beetje.)
mittagsMittags scheint meistens die Sonne.  (Mittags schijnt meestal de zon.)
nachmittagsNachmittags ist es noch immer warm. ('s Middags is het nog steeds warm.)
abendsAbends wird es kalt.  ('s Avonds wordt het koud.)
nachtsNachts bleibt es kalt.  ('Nachts blijft het koud.)

Uitzonderingen!

  1. Als ze in een specifieke zin een precieze tijdsaanduiding geven (bijv. „um 8 Uhr morgens“), kan een ander zelfstandig naamwoord of een nauwkeurigere tijdsaanduiding nodig zijn.

Oefening 1: Tageszeiten als Adverbien

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

Nachmittags, nachmittags, Abends, Nachts, abends, Vormittags, Morgens

1.
19:00: Freitag ... ist Date-Night.
(19:00: Vrijdagavond is date night.)
2.
11:00: ... arbeite ich oft in der Sonne.
(11:00: 's ochtends werk ik vaak in de zon.)
3.
16:30: ... fängt es oft an zu regnen.
(16:30: 's Middags begint het vaak te regenen.)
4.
17:15: Samstag ... gehe ich normalerweise einkaufen.
(17:15: Zaterdagnamiddag ga ik gewoonlijk boodschappen doen.)
5.
8:45: ... trinke ich immer einen Kaffee.
(8:45 's ochtends drink ik altijd een koffie.)
6.
20:30: ... lese ich oft ein Buch.
(20:30 uur 's avonds lees ik vaak een boek.)
7.
9:15: ... ist das Wetter oft erst schlecht.
(9:15: 's ochtends is het weer vaak eerst slecht.)
8.
1:00: ... ist es sehr kalt.
(1:00 's nachts is het erg koud.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Wir laufen _____ im Park, wenn die Luft frisch ist.

(We lopen _____ in het park, als de lucht fris is.)

2. _____ scheint die Sonne warm auf der Terrasse.

(_____ schijnt de zon warm op het terras.)

3. Wir haben heute _____ schlechtes Wetter, es ist sonnig.

(We hebben vandaag _____ geen slecht weer, het is zonnig.)

4. Im Winter wird es _____ sehr schnell dunkel.

(In de winter wordt het _____ heel snel donker.)

5. Der Wetterbericht sagt, dass es _____ regnet.

(Het weerbericht zegt dat het _____ regent.)

6. Ich trinke _____ keinen Kaffee, sondern lieber Tee.

(Ik drink _____ geen koffie, maar liever thee.)

Tageszeiten als Adverbien: Een Overzicht

Deze les behandelt het gebruik van tijdsaanduidingen als bijwoorden in het Duits. We leren woorden die verschillende momenten van de dag aanduiden en zien hoe ze gebruikt worden om aan te geven wanneer iets gebeurt. Voorbeelden van zulke bijwoorden zijn morgens, vormittags, mittags, nachmittags, abends en nachts. Deze woorden helpen je om je uitdrukkingen nauwkeuriger te maken, bijvoorbeeld Morgens ist es manchmal windig.

Wat leer je in deze les?

  • Betekenis en gebruik: Begrijpen wat deze tijdsbepalingen betekenen en hoe ze functioneel gebruikt worden als bijwoorden.
  • Voorbeelden: Zinnen zoals Nachmittags ist es noch immer warm. laten zien hoe je de woorden in dagelijkse context toepast.
  • Specifieke tijdsaanduidingen: Soms vereist een preciezere tijdsbepaling een extra woord, bijvoorbeeld um 8 Uhr morgens.

Belangrijke woorden en voorbeelden

AdverbVoorbeeldzin
morgensMorgens ist es manchmal windig.
vormittagsVormittags regnet es oft ein bisschen.
mittagsMittags scheint meistens die Sonne.
nachmittagsNachmittags ist es noch immer warm.
abendsAbends wird es kalt.
nachtsNachts bleibt es kalt.

Verschillen met het Nederlands

In het Duits worden deze tijdsaanduidingen vaak als bijwoord geschreven en vertellen ze wanneer iets gebeurt. In het Nederlands gebruiken we vergelijkbare uitdrukkingen zoals 's ochtends, 's middags, 's avonds en 's nachts. Een belangrijk verschil is dat het Duits de woorden aan elkaar schrijft als bijwoorden, terwijl in het Nederlands vaak een voorzetsel en lidwoord worden toegevoegd (bijvoorbeeld in de ochtend of 's ochtends).

Enkele nuttige Duitse uitdrukkingen met hun Nederlandse equivalenten:
Deutsch: morgens, nachmittags, abends, nachts
Nederlands: 's ochtends, 's middags, 's avonds, 's nachts

Samenvatting

Deze les biedt een praktische gids voor het gebruik van Duitse bijwoorden die tijdstippen van de dag aangeven. Door ze correct te gebruiken, kun je je communicatie in het Duits duidelijker en natuurlijker maken. Let vooral op de schrijfwijze en wanneer je extra tijdsaanduidingen nodig hebt voor meer precisie.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Sophie Schmidt

Internationaal administratief management

Würzburger Dolmetscherschule

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 18/07/2025 00:21