Onbepaalde voornaamwoorden verwijzen naar personen of zaken zoals iemand, niets, alle, zonder specifiek te zijn.
- Het onbepaald voornaamwoord 'al' gebruik je bij een onbepaald geheel.
- Iemand en niemand verwijzen naar personen
- Iets en niets verwijzen naar dingen of dieren.
| Gebruik | Voornaamwoord | Voorbeeldzin |
|---|---|---|
| Bijvoeglijk | al/alle | Al haar boeken liggen op tafel. Alle dieren zijn gevoerd. |
| Zelfstandig | iedereen | Iedereen was bang van de tijger. |
| iemand | Is er iemand die de leeuw wil voeren? | |
| niemand | Niemand zag de olifant. | |
| iets | Hij hoorde iets in de jungle. | |
| niets | We zagen niets in de woestijn door al het zand. | |
| men | Men zegt dat de olifanten slim zijn. |
Uitzonderingen!
- Men gebruik je alleen als onderwerp, en altijd in het enkelvoud.
- Alle gebruik je met meervoudige zelfstandige naamwoorden.
Oefening 1: Onbepaalde voornaamwoorden (zoals iemand, niemand, alles)
Instructie: Vul het juiste woord in.
niets, Iedereen, iets, iemand, Men, Alle
Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste zin waarin het onbepaald voornaamwoord correct wordt gebruikt.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen met het juiste onbepaald voornaamwoord (al, alle, iedereen, iemand, niemand, iets, niets, men). Let op of het om personen of dingen gaat.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleAlle studenten luisteren goed naar de docent.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleAlle collegas hebben vragen over de nieuwe computer.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleIedereen in dit bedrijf krijgt één keer per jaar een evaluatiegesprek.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleEr is iemand die je kan helpen met de belastingaangifte.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleIn deze vergaderruimte ligt niets op tafel.
-
In Nederland zeggen mensen dat werk en privé in balans moeten zijn.⇒ _______________________________________________ ExampleIn Nederland zegt men dat werk en privé in balans moet zijn.