Sterke werkwoorden veranderen van klank in de onvoltooid verleden tijd en voltooid deelwoord.

Wat zijn sterke werkwoorden ook alweer?

Sterke werkwoorden zijn werkwoorden die in de verleden tijd van klinker veranderen.

Ze volgen dus niet de gewone regel met -te / -de en -t / -d.

  • Infinitief: krijgen
  • O.V.T.: ik kreeg, wij kregen
  • Voltooid deelwoord: gekregen

Belangrijk om te zien: alleen de klinker verandert (ij → ee). De rest van het woord blijft meestal hetzelfde.

Stap 1: Herken deze veelgebruikte sterke werkwoorden

Je hoeft niet alle sterke werkwoorden van het Nederlands te kennen op A2-niveau.

Voor nu is dit een handige basislijst (met kleding/werk-context):

Infinitief O.V.T. (ik / hij) Voltooid deelwoord
krijgenkreeggekregen
kiezenkoosgekozen
trekkentrokgetrokken
vragenvroeggevraagd
doendeedgedaan
gaanginggegaan
houdenhieldgehouden
komenkwamgekomen
denkendachtgedacht
zeggenzeigezegd
  • Leer deze rijtjes echt uit je hoofd.
  • Je gebruikt ze voortdurend in gesprekken over werk, plannen en afspraken.

Stap 2: Hoe verandert de klinker in de O.V.T.?

Bij sterke werkwoorden verandert de klinker in de verleden tijd.

Een paar typische patronen:

Infinitief Klinker nu Klinker in O.V.T. Voorbeeldzin (O.V.T.)
krijgenijee Vorige maand kreeg ik een nieuwe taak.
kiezenieoo Hij koos een donker pak.
trekkeneo We trokken onze jassen aan.
gaanaai Gisteren ging ik naar de winkel.
doenoeee Ik deed mijn oude trui weg.

Zelfcheck (in je hoofd):

  • Nu: ik kies – Gisteren: ik … ? → koos
  • Nu: ik trek – Vorige week: ik … ? → trok
  • Nu: ik ga – Gisteren: ik … ? → ging

Stap 3: Enkelvoud en meervoud in de O.V.T.

Goed nieuws: bij sterke werkwoorden is het meervoud heel regelmatig.

  1. Neem de vorm van ik in de O.V.T.
  2. Voeg -en toe voor wij/jullie/zij.
Persoon krijgen kiezen trekken
ik / hij / zijkreegkoostrok
wij / jullie / zijkregenkozentrokken

Let op foutvormen met een extra -t-:

  • troktentrokken
  • houddehield
  • koopte (voor kopen) → kocht (maar: dit staat niet in de tabel, alleen als extra voorbeeld)

Stap 4: Voltooid deelwoord van sterke werkwoorden

Bij sterke werkwoorden herken je het voltooid deelwoord meestal aan:

  • ge + stam + en (heel vaak)
  • een klinkerwisseling (vaak dezelfde als in de O.V.T.)
Infinitief Voltooid deelwoord Voorbeeld (perfectum)
krijgen gekregen Ik heb feedback gekregen.
kiezen gekozen Wij hebben een nette outfit gekozen.
trekken getrokken Ik heb mijn jas aangetrokken.
vragen gevraagd Hij heeft om hulp gevraagd.
doen gedaan Wij hebben samen de boodschappen gedaan.
gaan gegaan* Wij zijn naar de winkel gegaan.

*Let op: bij “gaan” gebruik je “zijn” als hulpwerkwoord: ik ben gegaan.

Stap 5: Wanneer gebruik je O.V.T. en wanneer perfectum?

Beide tijden gaan over het verleden, maar de functie is anders.

Tijd Vorm Gebruik Signaalwoorden
O.V.T. ik koos, ik ging Verhaal over het verleden, situatie is duidelijk afgesloten. gisteren, vorige week, toen, in 2022
Perfectum ik heb gekozen, ik ben gegaan Resultaat of ervaring is nu belangrijk. al, nog niet, vandaag, net
  • O.V.T.: Vorige week kozen we een nieuwe dresscode voor kantoor.
  • Perfectum: We hebben een nieuwe dresscode gekozen. (resultaat nu)

Stap 6: Typische fouten en hoe je ze herkent

  • Regelmatig maken wat onregelmatig is:
  • ik vraagdeik vroeg
  • ik houddeik hield
  • ik doedeik deed
  • Verkeerde vorm in de zin kiezen:
  • Ik heb gisteren mijn nieuwe jas gekocht. (als het een verhaal in O.V.T. moet zijn)
  • Ik kocht gisteren mijn nieuwe jas. (hele verhaal in de O.V.T.)
  • Verwarring tussen O.V.T. en voltooid deelwoord:
  • Gisteren heb ik een pak koopte.Gisteren heb ik een pak gekocht.
  • Vorige week heb ik een cursus gedaan, en ik deed veel nieuwe ideeën.… en ik kreeg veel nieuwe ideeën.

Stap 7: Snelle zelfcheck – kan ik dit al?

  1. Kun je zonder kijken zeggen:
    • ik krijg – ik kreeg – ik heb gekregen
    • ik kies – ik koos – ik heb gekozen
    • ik ga – ik ging – ik ben gegaan
  2. Kun je het verschil voelen tussen:
    • Gisteren koos ik een outfit. (verhaal)
    • Ik heb een outfit gekozen. (resultaat)
  3. Kun je foutvormen herkennen?
    • Zeg je automatisch vroeg en niet vraagde?
    • Zeg je hield en niet houdde?

Als je deze vragen met “ja” kunt beantwoorden, beheers je de basis van sterke werkwoorden op dit niveau.

Gebruik de tabel bij het spreken en schrijven net zo lang totdat de vormen automatisch gaan.

  1. Sterke werkwoorden zijn werkwoorden die afwijken van de algemene vervoegingsregels.
  2. Sterke werkwoorden veranderen de klinker in de onvoltooid verleden tijd.
  3. Voltooid deelwoord eindigt vaak op '-en' of 'ge- + stam + en'.
InfinitiefO.V.T.Voltooid deelwoord
Krijgenkreeggekregen
Kiezenkoosgekozen
Trekkentrokgetrokken
Vragenvroeggevraagd
Doendeedgedaan
Gaanginggegaan
Houdenhieldgehouden
Komenkwamgekomen
Denkendachtgedacht
Zeggenzeigezegd

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. Gisteren ___ ik in de paskamer of dit jurkje ook in een ander merk was.


2. Vorig jaar ___ hij een heel klassieke stijl, maar nu draagt hij iets moderners naar kantoor.


3. Ik ben blij dat je met me mee ___ naar die vintagewinkel; samen hebben we een mooie outfit gekozen.


4. Ik heb goed naar je foto’s gekeken en ik heb drie hippe outfits voor je bedacht, zoals je mij had ___.


Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste zin met het correcte gebruik van sterke werkwoorden in de onvoltooid verleden tijd of het voltooid deelwoord. Let daarbij op de klankverandering en het juiste voltooid deelwoord.

1.
Het werkwoord 'kopen' is een sterk werkwoord; de verleden tijd is 'kocht' en het voltooid deelwoord is 'gekocht'. Hier is echter de onvoltooid verleden tijd nodig omdat het om 'gisteren' gaat.
'Koopte' is onjuist; het werkwoord 'kopen' verandert onregelmatig naar 'kocht' in de verleden tijd, niet 'koopte'.
2.
'Keesd' is geen correcte vervoeging van het werkwoord 'kiezen'.
Deze zin staat dubbel en is onjuist gemarkeerd. De correcte vorm is 'gekozen'; andere spellingen zijn fout.

Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen in de onvoltooid verleden tijd (O.V.T.) of gebruik het voltooid deelwoord van het sterke werkwoord waar dat past.

Toon/verberg hints
  1. Ik krijg elke week feedback van mijn manager.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Ik kreeg elke week feedback van mijn manager.
  2. Wij kiezen vaak duurzame kleding voor op kantoor.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Wij kozen vaak duurzame kleding voor op kantoor.
  3. Hij trekt zijn nette jas aan voor het sollicitatiegesprek.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Hij trok zijn nette jas aan voor het sollicitatiegesprek.
  4. Ik heb een vraag over de ruilvoorwaarden van deze broek.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Ik had een vraag over de ruilvoorwaarden van deze broek.

Oefening 4: Grammatica in actie

Instructie: Vertel kort over jouw kledingstijl vroeger en vergelijk met nu.

Situatie
Je past outfits in een winkel en praat met een collega over kleding uit het verleden.

Bespreek
  • Welke kleding droeg jij tien jaar geleden en waarom vond je het mooi?
  • Welke outfit koos je vroeger voor werk of studie, en wat is er veranderd?

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • Vroeger hield ik van vintage kleding.
  • Ik heb die outfit gekozen omdat het toen in de mode was.
  • Toen ik jonger was, ging ik vaak naar de paskamer.

Gebruik in gesprek
  • onvoltooid verleden tijd sterke werkwoorden (bijv. ik koos, ik kreeg, ik ging)
  • voltooid deelwoord sterke werkwoorden (bijv. ik heb gekozen, ik ben gegaan)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Kato De Paepe

Zakendoen en talen

KdG University of Applied Sciences and Arts Antwerp

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 06/03/2026 10:52