Herken in de video: chique, etiquette, tafel dekken, de borden, de rand (van de tafel), vork(je), messen, lepels, vismes, steakmes, dessert, bestek, glazen, wijnglas, bordje, botermesje, het servet, glaasje bubbels, hapje, kaasplankje.
Herken in de video: chique, etiquette, tafel dekken, de borden, de rand (van de tafel), vork(je), messen, lepels, vismes, steakmes, dessert, bestek, glazen, wijnglas, bordje, botermesje, het servet, glaasje bubbels, hapje, kaasplankje.

Zorg ervoor dat je de tafel correct dekt. Misschien komt de koning wel langs!

1. Zet het bord 2 centimeter van de rand van de tafel.
2. Leg het bestek op tafel. Doe dit altijd van buiten naar binnen.
3. Leg de vorken links van het bord.
4. Leg het kleine vorkje helemaal links. Dit gebruik je voor het voorgerecht.
5. Leg de messen rechts van het bord. De scherpe kant moet naar het bord wijzen.
6. Leg de lepel rechts van het mes.
7. Leg het dessertbestek boven het bord. De vork ligt aan de linkerkant en de lepel aan de rechterkant.
8. Zet het waterglas boven het mes.
9. Zet het glas voor witte wijn en het glas voor rode wijn in een driehoek boven het mes.
10. Leg het broodbordje links boven de vorken. Zet daarop het botermes.
11. Leg de servet links van de vorken of op het bord.

Oefening 1: Discussievragen

Instructie: Bespreek de vragen nadat je naar de audio hebt geluisterd of de tekst hebt gelezen.

  1. Waar leg je de vorken?
  2. Waar leg je de vorken?
  3. Wat ligt er boven het bord?
  4. Wat ligt er boven het bord?
  5. Hoe moet het mes liggen?
  6. Hoe moet het mes liggen?
  7. Vind jij de etiquette belangrijk?
  8. Vind jij de etiquette belangrijk?