Nederlands B1 module 5: Household management (Household management)
Dit is leermodule 5 van 6 van ons Nederlands B1-lesprogramma. Elke leermodule bevat 6 tot 8 hoofdstukken.
Leerdoelen:
-
gezinsbeheer
-
huisonderhoud
-
Meest voorkomende huishoudelijke administratie
Lessen (7)
-
In staat zijn jezelf uit te drukken bij het zoeken naar een nieuwe woonplek
-
Meest voorkomende maandelijkse rekeningen in het huis
-
Praat over verhuizen naar je nieuwe woning
-
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd: zal getekend hebben / zal verhuisd zijn naar
-
Beschrijf je huis en de inrichting ervan in detail
-
Praat over voorkeuren voor verschillende decoratiestijlen
-
Leg uit welke veranderingen je aan je huis hebt aangebracht
-
had + kunnen / moeten / willen
-
Geavanceerde schoonmaakroutines voor huizen
-
Elektronische apparaten voor schoonmaken
-
Het inhuren van een schoonmaakdienst
-
Voltooid voorwaardelijke tijd: zou(den) gebruikt hebben / zou(den) gegaan zijn
-
Roep om hulp in geval van nood
-
Huizenbeveiliging en alarmsystemen
-
Gebiedende wijs (uitbreiding)
-
Omgaan met familieproblemen
-
Hoe sociale diensten werken
-
Kinderopvang en zorg voor ouderen
-
Modale werkwoorden: moeten/ kunnen/ mogen + + passief
-
Beheer persoonlijke investeringen
-
Belastingen in het gastland
-
Hoe online bankieren te gebruiken en betalingen te beheren
-
Onderschikkende voegwoorden: hoewel, ondanks dat, terwijl, wanneer, ...
-
Vertel over je gezinssituatie
-
Bespreek verschillende soorten relaties
-
Regel uw burgerlijke staat (registratie bij het gemeentehuis of het ondertekenen van formulieren bij de notaris)
-
Passieve tijden: presens, imperfectum, perfectum, plusquamperfectum