Praat over je dieet en (on)gezonde gewoontes.
Plan je wekelijkse menu.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Gezond eten is de beste dokter!
Gezond eten is het beste dieet! Of niet? Discussie onder vrienden.
Grammatica: Betrekkelijke voornaamwoorden (die, dat, wat, wie)
Verbindt twee zinnen met die, dat, wat, wie.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!