Deze les over duurzaam vervoer behandelt vervoermiddelen als fiets, elektrische auto en openbaar vervoer, met nuttige woorden als kiezen, rijden en fietser. Je oefent het verleden tijd gebruik van deze werkwoorden en leert praktische zinnen voor dagelijks reizen.
Luister- en leesmateriaal
Oefen woordenschat in context met echte materialen.
A2.26.1 Kort verhaal
De grootste fietsenstalling ter wereld!
De grootste fietsenstalling ter wereld!
Woordenschat (11) Delen Gekopieerd!
Oefeningen Delen Gekopieerd!
Deze oefeningen kunnen tijdens conversatielessen samen gedaan worden of als huiswerk.
Oefening 1: Vertaal en gebruik in een zin
Instructie: Kies een woord, vertaal het en gebruik het woord in een zin of dialoog.
1
Favoriete
Favoriete
2
De elektrische auto
De elektrische auto
3
De rit
De rit
4
Het vervoer
Het vervoer
5
Het openbaar vervoer
Het openbaar vervoer
Oefening 2: Gespreksoefening
Instructie:
- Hoe ben je naar je werk gekomen? (Hoe ben je naar je werk gekomen?)
- Heeft jouw stad veel fietspaden? (Heeft jouw stad veel fietspaden?)
- Gebruikte u vaak het openbaar vervoer? (Heb je vaak het openbaar vervoer gebruikt?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Voorbeeldzinnen:
Ik gebruik de fiets om naar mijn werk te gaan, maar om boodschappen te doen gebruik ik een auto. |
Ik ga overal met de auto naartoe omdat het openbaar vervoer te lang duurt. |
Ik neem de fiets omdat er veel fietspaden in mijn stad zijn. |
Ik neem altijd de metro. Het is de snelste manier voor mij. |
Ik vind elektrische auto's erg goed omdat ze duurzaam zijn. |
Ik heb geen elektrische auto omdat ze erg duur zijn. |
... |
Oefening 3: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 4: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Vroeger ___ ik vaak met de elektrische auto naar mijn werk.
2. Toen ik ___ voor duurzaam vervoer koos, gebruikte ik vaker de fiets.
3. De fietser ___ voorzichtig door de groene zone.
4. Vorige week ___ ik het openbaar vervoer om het milieu te beschermen.
Oefening 5: Duurzaam vervoer in de stad
Instructie:
Werkwoordschema's
Kiezen - Kiezen
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
- ik koos
- jij koos
- hij/zij/het koos
- wij kozen
- jullie kozen
- zij kozen
Rijden - Rijden
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
- ik reed
- jij reed
- hij/zij/het reed
- wij reden
- jullie reden
- zij reden
Oefening 6: Bijvoeglijk naamwoord met of zonder -e
Instructie: Vul het juiste woord in.
Grammatica: Bijvoeglijk naamwoord met of zonder -e
Toon vertaling Toon antwoordenduurzaam, grote, elektrische, aardig, lange, mooi, gevaarlijke, favoriete
Grammatica Delen Gekopieerd!
We geven toe dat het niet het meest opwindende is, maar het is absoluut essentieel (en we beloven dat het zich zal terugbetalen)!
Werkwoordsvervoegingstabellen voor deze les Delen Gekopieerd!
Rijden rijden Delen Gekopieerd!
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
Nederlands | Nederlands |
---|---|
(ik) reed | (ik) reed |
(jij) reed/reedde | (jij) reed/reedde |
(hij/zij/het) reed | (hij/zij/het) reed |
(wij) reden | (wij) reden |
(jullie) reden | (jullie) reden |
(zij) reden | (zij) reden |
Kiezen kiezen Delen Gekopieerd!
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
Nederlands | Nederlands |
---|---|
(ik) koos | (ik) koos |
(jij) koos | (jij) koos |
(hij/zij/het) koos | (hij/zij/het) koos |
(wij) kozen | (wij) kozen |
(jullie) kozen | (jullie) kozen |
(zij) kozen | (zij) kozen |
Zie je geen vooruitgang als je alleen studeert? Bestudeer dit materiaal met een gecertificeerde docent!
Wil je vandaag Nederlands oefenen? Dat kan! Neem vandaag nog contact op met een van onze docenten.
Duurzaam vervoer en transport in het dagelijks leven
Deze les behandelt het thema duurzaam transport en vervoermiddelen die we kunnen gebruiken voor woon-werkverkeer en dagelijkse verplaatsingen. Het niveau is A2, geschikt voor wie al basiskennis heeft en zich verder wil ontwikkelen in praktische situaties over reizen, vervoer en milieubewust gedrag.
Wat leer je in deze les?
- Bespreken van dagelijkse vervoerskeuzes, zoals fiets, trein, auto, bus, tram en metro.
- Belang van duurzame vervoersmiddelen en de impact op gezondheid en milieu.
- Verschillende vervoermiddelen vergelijken op basis van comfort, snelheid, milieuvriendelijkheid en flexibiliteit.
- Praktische communicatie: vragen stellen en beantwoorden over openbaar vervoer en dienstregelingen.
- Gebruik van de onvoltooid verleden tijd (OVT) bij werkwoorden als rijden en kiezen om gebeurtenissen in het verleden te beschrijven.
Belangrijke woorden en uitdrukkingen
- duurzaam – milieuvriendelijk en gericht op behoud van hulpbronnen
- de fiets – een gezond en goedkoop vervoermiddel
- het openbaar vervoer – bus, tram, metro, trein samen
- de elektrische auto / scooter – voertuigen die minder vervuilen
- de groene zone – gebied met milieuregels voor verkeer
- ik koos, ik reed, wij kozen – voorbeelden van verleden tijd van kiezen en rijden
Grammaticale aandachtspunten
In deze les staat het gebruik van de onvoltooid verleden tijd (OVT) centraal bij werkwoorden die vaak voorkomen in gesprekken over vervoer, zoals kiezen (ik koos) en rijden (ik reed). Dit is belangrijk om over gebeurtenissen in het verleden te kunnen spreken, bijvoorbeeld welke vervoerskeuze je vroeger maakte en waarom.
Praktische tips bij vervoerstermen en communicatie
Let op dat je praktische vragen kunt stellen over het vertrek van een bus of de betrouwbaarheid van de tram. Bijvoorbeeld: Weet jij hoe laat de volgende bus vertrekt? of Is de tram hier meestal op tijd?
Verschillen met het Nederlands in andere instructietalen
Omdat de instructietaal hier ook Nederlands is, zijn er geen vertalingen toegevoegd. Dit maakt dat je kunt focussen op natuurlijk taalgebruik en nuances in uitdrukkingen zonder verwarring. In andere talen is het vaak nodig vervoerswoorden te vertalen en verschillen tussen vervoersconcepten uit te leggen. Bijvoorbeeld het Engelse woord bike en het Nederlandse woord fiets komen overeen, maar Nederlandse vervoersmodi zoals de tram zijn niet in alle talen even bekend. Belangrijke uitdrukkingen zoals de grootste fietsenstalling ter wereld illustreren het belang van fietsen in Nederland, iets dat in andere culturen soms beperkt is.
Gebruik regelmatig woorden als duurzamer, comfortabel, stil, milieuvriendelijk, flexibel om je mening over vervoermiddelen goed te kunnen uitdrukken. Begrippen als groene zone zijn relevant voor milieuvriendelijke gesprekken.