2. Wortschatz (13)

De brief

De brief Anzeigen

Der Brief Anzeigen

Het pakket

Het pakket Anzeigen

Das Paket Anzeigen

De post

De post Anzeigen

Die Post Anzeigen

De postzegel

De postzegel Anzeigen

Die Briefmarke Anzeigen

De e-mail

De e-mail Anzeigen

Die E‑Mail Anzeigen

De ontvanger

De ontvanger Anzeigen

Der Empfänger Anzeigen

De verzender

De verzender Anzeigen

Der Absender Anzeigen

De handtekening

De handtekening Anzeigen

Die Unterschrift Anzeigen

Het afscheid

Het afscheid Anzeigen

Der Abschied Anzeigen

Naar het postkantoor gaan

Naar het postkantoor gaan Anzeigen

Zum Postamt gehen Anzeigen

Een brief ontvangen

Een brief ontvangen Anzeigen

Einen Brief erhalten Anzeigen

Antwoorden op een e-mail

Antwoorden op een e-mail Anzeigen

Auf eine E‑Mail antworten Anzeigen

4. Übungen

Übung 1: Korrespondenz verfassen

Anleitung: Schreibe eine Antwort auf folgende Nachricht, die der Situation angemessen ist.

E-mail: Du erhältst eine E-Mail vom Kundenservice von PostNL bezüglich deines verlorenen Pakets; antworte auf die E-Mail, gib die angeforderten Informationen und stelle eine Frage.


Onderwerp: Uw pakket is nog niet bezorgd

Geachte heer/mevrouw,

U heeft ons een e-mail gestuurd over een pakket dat u nog niet heeft ontvangen. Dat vinden wij vervelend.
Volgens onze gegevens is uw pakket op maandag 3 juni verstuurd door de verzender. Het pakket is een aangetekende zending. U heeft daarover een e-mail met een track & trace-code gekregen.

Wij zien dat de bezorger op dinsdag 4 juni bij u aan de deur is geweest, maar de ontvanger was niet thuis. De bezorger heeft een briefje in uw brievenbus gedaan. Op dit briefje staat bij welk postkantoor u uw pakket kunt ophalen en vanaf welke datum.

Wij willen u graag helpen. Kunt u ons laten weten:

  • welke postcode op het pakket staat?
  • wat er ongeveer in het pakket zit?

Dan kunnen wij controleren of het pakket misschien bij een ander adres of een ander postkantoor ligt.

U kunt op deze e-mail antwoorden. Voeg ook uw telefoonnummer toe, zodat wij u kunnen bellen als we meer vragen hebben.

Met vriendelijke groet,
Lisa de Jong
Klantenservice PostNL


Betreff: Ihr Paket wurde noch nicht zugestellt

Sehr geehrte Damen und Herren,

Sie haben uns eine E-Mail geschickt über ein Paket, das Sie noch nicht erhalten haben. Das tut uns leid.
Nach unseren Angaben wurde Ihr Paket am Montag, den 3. Juni vom Absender verschickt. Das Paket ist eine eingeschriebene Sendung. Sie haben dazu eine E-Mail mit einer Track & Trace‑Nummer erhalten.

Wir sehen, dass der Zusteller am Dienstag, den 4. Juni bei Ihnen an der Tür war, aber der Empfänger nicht zu Hause war. Der Zusteller hat einen Benachrichtigungszettel in Ihrem Briefkasten hinterlegt. Auf diesem Zettel steht, bei welchem Postamt Sie Ihr Paket abholen können und ab welchem Datum.

Wir möchten Ihnen gerne helfen. Können Sie uns mitteilen:

  • welche Postleitzahl auf dem Paket steht?
  • was ungefähr in dem Paket ist?

Dann können wir überprüfen, ob das Paket vielleicht an eine andere Adresse oder ein anderes Postamt gelangt ist.

Sie können auf diese E-Mail antworten. Fügen Sie auch Ihre Telefonnummer hinzu, damit wir Sie anrufen können, falls wir weitere Fragen haben.

Mit freundlichen Grüßen,
Lisa de Jong
Kundenservice PostNL


Verstehe den Text:

  1. Waarom schrijft Lisa de Jong deze e-mail aan de klant?

    (Warum schreibt Lisa de Jong diese E-Mail an den Kunden?)

  2. Welke informatie vraagt PostNL aan de klant om het pakket beter te kunnen zoeken?

    (Welche Informationen bittet PostNL vom Kunden an, um das Paket besser suchen zu können?)

Nützliche Redewendungen:

  1. Bedankt voor uw e-mail over mijn pakket.

    (Vielen Dank für Ihre E-Mail bezüglich meines Pakets.)

  2. De postcode op het pakket is ….

    (Die Postleitzahl auf dem Paket ist …)

  3. Ik heb nog een vraag: ….

    (Ich habe noch eine Frage: …)

Geachte mevrouw De Jong,

Bedankt voor uw e-mail over mijn pakket.

De postcode op het pakket is 3527 AB, Utrecht. Op het pakket staat mijn naam: Ahmed Hassan. In het pakket zit een kleine laptop voor mijn werk en een oplader.

Ik heb geen briefje in mijn brievenbus gezien en ik weet niet bij welk postkantoor het pakket ligt. Kunt u mij zeggen bij welk postkantoor ik het kan ophalen en vanaf welke datum?

U kunt mij bellen op 06 12 34 56 78 als u meer informatie nodig heeft.

Met vriendelijke groet,
Ahmed Hassan

Sehr geehrte Frau De Jong,

vielen Dank für Ihre E-Mail bezüglich meines Pakets.

Die Postleitzahl auf dem Paket ist 3527 AB, Utrecht. Auf dem Paket steht mein Name: Ahmed Hassan. In dem Paket befindet sich ein kleiner Laptop für meine Arbeit und ein Ladegerät.

Ich habe keinen Benachrichtigungszettel in meinem Briefkasten gefunden und weiß nicht, bei welchem Postamt das Paket liegt. Können Sie mir sagen, bei welchem Postamt ich es abholen kann und ab welchem Datum?

Sie können mich unter 06 12 34 56 78 anrufen, falls Sie weitere Informationen benötigen.

Mit freundlichen Grüßen,
Ahmed Hassan

Übung 2: Mehrfachauswahl

Anleitung: Wählen Sie die richtige Lösung

1. Ik ___ de e-mail al naar mijn collega gestuurd.

(Ich ___ die E-Mail schon an meinen Kollegen geschickt.)

2. Wie ___ het pakket op kantoor ontvangen?

(Wer ___ das Paket im Büro erhalten?)

3. Welke post ___ er vandaag bezorgd?

(Welche Post ___ heute zugestellt?)

4. We ___ gisteren een brief van de klant ontvangen.

(Wir ___ gestern einen Brief vom Kunden erhalten.)

Übung 3: Dialogkarten

Anleitung: Wähle eine Situation aus und übe das Gespräch mit deinem Lehrer oder deinen Mitschülern.

Übung 4: Auf die Situation reagieren

Anleitung: Übe zu zweit oder mit deiner Lehrkraft.

1. Je bent op het postkantoor en je wilt een pakket naar een klant sturen. Vraag aan de medewerker wat je nodig hebt om het pakket te versturen. (Gebruik: het pakket, de postzegel, de verzender)

(Sie sind auf der Post und möchten ein Paket an einen Kunden schicken. Fragen Sie die Mitarbeiterin oder den Mitarbeiter, was Sie brauchen, um das Paket zu versenden. (Verwenden Sie: das Paket, die Briefmarke, der Absender))

Ik wil een pakket  

(Ich möchte ein Paket ...)

Beispiel:

Ik wil een pakket versturen en ik wil weten welke postzegel ik moet gebruiken en wat ik als verzender moet doen.

(Ich möchte ein Paket versenden und wissen, welche Briefmarke ich benutzen muss und was ich als Absender tun soll.)

2. Je ontvangt een e-mail van een collega over een afspraak. Beantwoord de e-mail kort en bevestig de afspraak. (Gebruik: antwoorden op een e-mail, de ontvanger, de brief)

(Sie erhalten eine E-Mail von einer Kollegin oder einem Kollegen über einen Termin. Beantworten Sie die E-Mail kurz und bestätigen Sie den Termin. (Verwenden Sie: auf eine E-Mail antworten, der Empfänger, der Brief))

In mijn antwoord op de e-mail  

(In meiner Antwort auf die E-Mail ...)

Beispiel:

In mijn antwoord op de e-mail bevestig ik de afspraak en zeg ik dat ik er op tijd zal zijn.

(In meiner Antwort auf die E-Mail bestätige ich den Termin und sage, dass ich pünktlich sein werde.)

3. Je hebt een brief ontvangen van je huisbaas. Schrijf een korte reactie waarin je bedankt voor de informatie en een vraag stelt. (Gebruik: een brief ontvangen, het afscheid, de handtekening)

(Sie haben einen Brief von Ihrem Vermieter erhalten. Schreiben Sie eine kurze Antwort, in der Sie sich für die Information bedanken und eine Frage stellen. (Verwenden Sie: einen Brief erhalten, der Abschied, die Unterschrift))

Na het ontvangen van de brief  

(Nach Erhalt des Briefes ...)

Beispiel:

Na het ontvangen van de brief bedank ik voor de informatie en vraag ik of ik een extra dag huurverhoging kan krijgen.

(Nach Erhalt des Briefes bedanke ich mich für die Information und frage, ob ich eine zusätzliche Mieterhöhung um einen Tag bekommen kann.)

4. Je wilt een collega vragen of hij/zij de e-mail die jij hebt gestuurd heeft ontvangen. Stel een eenvoudige vraag in een gesprek. (Gebruik: de ontvanger, antwoorden op een e-mail, sturen)

(Sie möchten eine Kollegin oder einen Kollegen fragen, ob er oder sie die E-Mail erhalten hat, die Sie geschickt haben. Stellen Sie eine einfache Frage in einem Gespräch. (Verwenden Sie: der Empfänger, auf eine E-Mail antworten, senden))

Ik wil de ontvanger vragen  

(Ich möchte den Empfänger fragen ...)

Beispiel:

Ik wil de ontvanger vragen of hij mijn e-mail heeft ontvangen en of hij al heeft geantwoord.

(Ich möchte den Empfänger fragen, ob er meine E-Mail erhalten hat und ob er schon geantwortet hat.)

5. Je moet naar het postkantoor gaan om een belangrijke brief te versturen. Vertel aan een collega waarom je gaat en wat je mee moet nemen. (Gebruik: naar het postkantoor gaan, de brief, de postzegel)

(Sie müssen zur Post gehen, um einen wichtigen Brief zu versenden. Erzählen Sie einer Kollegin oder einem Kollegen, warum Sie hingehen und was Sie mitnehmen müssen. (Verwenden Sie: zur Post gehen, der Brief, die Briefmarke))

Ik ga naar het postkantoor  

(Ich gehe zur Post ...)

Beispiel:

Ik ga naar het postkantoor om een brief te versturen en ik neem de brief en een postzegel mee.

(Ich gehe zur Post, um einen Brief zu verschicken, und ich nehme den Brief und eine Briefmarke mit.)

Übung 5: Schreibübung

Anleitung: Schreibe 5 oder 6 Sätze auf Niederländisch über eine Situation, in der du ein wichtiges Paket oder eine wichtige E‑Mail erhalten musstest und was du damals getan hast.

Nützliche Ausdrücke:

Ik heb uw e-mail ontvangen, maar… / Kunt u mij vertellen waar…? / Het pakket is bezorgd op… / Alvast bedankt voor uw hulp.

Oefening 6: Gesprächsübung

Instructie:

  1. Maak in elke afbeelding een situatie: wat de persoon doet en wat hij vasthoudt of verstuurt. (In jedem Bild soll eine Situation erstellt werden: was die Person macht und was sie hält oder verschickt.)
  2. Stuur je nog steeds brieven of alleen e-mails? (Verschickst du noch Briefe oder nur E-Mails?)
  3. Hoeveel e-mails ontvang je meestal op een dag? (Wie viele E-Mails erhalten Sie normalerweise an einem Tag?)

Unterrichtsrichtlinien +/- 10 Minuten

Beispielsätze:

Ik wil een ansichtkaart naar mijn vriend in Italië sturen.

Ich möchte eine Postkarte an meinen Freund in Italien schicken.

Ik moet eerst wat postzegels kopen voordat ik deze brief kan versturen.

Ich muss Briefmarken kaufen, bevor ich diesen Brief verschicken kann.

Ik stuur een e-mail naar mijn collega met het rapport als bijlage.

Ich sende meinem Kollegen eine E-Mail mit dem angehängten Bericht.

Hoeveel moet ik betalen om een brief naar Spanje te versturen?

Wie viel muss ich bezahlen, um einen Brief nach Spanien zu schicken?

Ik ben bij het postkantoor, wachtend om een brief te versturen.

Ich bin bei der Post und warte darauf, einen Brief zu verschicken.

Ik stuur nu alleen nog e-mails. Het is sneller en makkelijker.

Ich verschicke jetzt nur noch E-Mails. Es ist schneller und einfacher.

Soms verstuur ik brieven voor speciale gelegenheden. Zoals verjaardagen of feestdagen.

Manchmal schicke ich Briefe für besondere Anlässe. Wie Geburtstage oder Feiertage.

...