Hoe behandelt u gaatjes?
Hoe behandelt u gaatjes?

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Herken de aangegeven woordenschat in de video.

Woord
Een gaatje vullen en repareren
De vulling of kroon
Verdoven
Wegboren
Het schildje of bandje
De wigjes
Het vulmateriaal
Het etsmiddel
Wegspoelen en droogblazen
Aanbrengen met de kwast
Uitharden met blauw licht
Het boortje
Polijsten
De behandeling
Een gaatje in een tand of kies moet worden gerepareerd om grotere problemen te voorkomen.
Het gaatje kan nieuw zijn of ontstaan zijn onder een oude vulling of kroon.
Als het nodig is, verdooft de tandarts de tand of kies voordat hij begint.
Daarna boort de tandarts het aangetaste tandweefsel weg en plaatst hij soms een schildje of bandje met kleine wigjes.
De tand wordt schoongemaakt, gespoeld en drooggeblazen zodat het goed droog is.
Vervolgens brengt de tandarts etsmiddel aan, spoelt dit weg en droogt de tand opnieuw.
Dan wordt het vulmateriaal laag voor laag aangebracht, vaak met een klein kwastje.
Elke laag wordt uitgehard met blauw licht zodat de vulling stevig wordt.
Aan het einde wordt de vorm gecontroleerd en polijst de tandarts de vulling glad.
Na de behandeling kan de tand tijdelijk gevoelig zijn, maar de vulling helpt om verdere schade te voorkomen.

Begripsvragen:

  1. Waarom wordt een gaatje in een tand of kies behandeld en niet gewoon zo gelaten?

    (Waarom wordt een gaatje in een tand of kies behandeld en niet gewoon zo gelaten?)

  2. Welke stappen voert de tandarts uit voordat hij het vulmateriaal in de tand aanbrengt? Noem minstens twee stappen.

    (Welke stappen voert de tandarts uit voordat hij het vulmateriaal in de tand aanbrengt? Noem minstens twee stappen.)

  3. Wat gebeurt er met de vulling nadat alle lagen zijn aangebracht en waarom is dit belangrijk?

    (Wat gebeurt er met de vulling nadat alle lagen zijn aangebracht en waarom is dat belangrijk?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

De tandarts

1. De tandarts: We gaan uw tanden onderzoeken om te controleren of er gaatjes zijn.
2. De patiënt: Dokter, hoe ontstaan gaatjes?
3. De tandarts: Slechte bacteriën ontwikkelen zich en vallen de tand aan. Ze zorgen voor verlies van mineralen in de tand.
4. De patiënt: Hoe weet u of er een gaatje is?
5. De tandarts: Ik moet mijn instrumenten gebruiken en röntgenfoto’s maken om de diagnose te bevestigen.
6. De patiënt: En als u een gaatje vindt, wat doet u dan?
7. De tandarts: Eerst verwijderen we het gaatje met de turbine en de contra-hoek.
8. De patiënt: Blijft er dan een gat in de tand over?
9. De tandarts: Nee, we vullen de holte met composiet. Dat hardt uit met blauw licht van de uithardingslamp.
10. De patiënt: Is de tand daarna weer in goede staat?
11. De tandarts: Ja, de reparatie wordt mooi en glad met behulp van de polijsters.

1. Waar gaat dit gesprek vooral over?


2. Wat zegt de tandarts over het ontstaan van gaatjes?


Oefening 3: Openingsvragen voor gesprekken

Instructie: Beantwoord de vragen en corrigeer ze met je leraar.

  1. Kunt u in één of twee zinnen uitleggen hoe een gaatje in een tand ontstaat, alsof u het aan een patiënt vertelt?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Hoe legt u in korte stappen uit wat u doet bij het vullen van een gaatje?

    __________________________________________________________________________________________________________

  3. Op de röntgenfoto ziet u een klein gaatje tussen twee kiezen. Hoe legt u dit rustig en duidelijk aan de patiënt uit?

    __________________________________________________________________________________________________________

  4. Een patiënt is bang voor de boor. Wat zegt u in één of twee zinnen om hem of haar gerust te stellen voordat u begint?

    __________________________________________________________________________________________________________