Tandheelkunde 15 - Effectieve communicatie met de assistent
Effectieve communicatie met de assistent
2. Oefeningen
Oefening 1: Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Overleg aan de balie in de tandartspraktijk
Woorden om te gebruiken: afspraak, dossier, wachten, receptie, herinnering, wachttijd, intake, agenda
(Overleg aan de balie in de tandartspraktijk)
In een rustige tandartspraktijk in Utrecht begint de ochtend. De tandarts en de assistent staan samen bij de . Ze kijken naar de . Er is een nieuwe patiënt voor een . De assistent controleert het en vraagt: “Wil je dat ik de patiënt nu al naar de stoel breng, of eerst even laat ?”
De tandarts zegt dat de patiënt een korte heeft, omdat de vorige behandeling langer duurde. De assistent loopt naar de receptie en geeft de patiënt een vriendelijke aan de afspraak. Ze legt rustig uit dat de tandarts nog bezig is, maar dat de doorgaat. Daarna noteert ze een bericht in het dossier, zodat de tandarts precies weet wat ze tegen de patiënt heeft gezegd.
-
Waarom heeft de patiënt een korte wachttijd bij de tandarts?
-
Wat vertelt de assistent aan de patiënt over de afspraak?
-
Waarom noteert de assistent een bericht in het dossier?
Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. De assistente ___ een nieuwe afspraak in voor een spoedgeval.
2. Bij de receptie ___ ik eerst of de patiënt al is aangekomen.
3. Kunt u de patiënt even ___ met de assistente?
4. Na het bezoek ___ de assistente de patiënt terug om de volgende controleafspraak te maken.
Oefening 3: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Afspraak verzetten aan de telefoon
Patiënt: Show Goedemorgen, ik wil mijn afspraak van vrijdag graag verplaatsen.
Tandartsassistente: Show Natuurlijk, ik zal uw dossier even controleren, wat is uw naam alstublieft?
Patiënt: Show Ik heet Ahmed El Mansouri, ik kan vrijdag niet komen door een werkafspraak.
Tandartsassistente: Show Ik zie het, we kunnen uw bezoek inplannen op maandag om tien uur, past dat voor u?
Open vragen:
1. Waarom wil de patiënt de afspraak verplaatsen?
2. Wanneer belt u meestal terug als u een afspraak moet verplaatsen of annuleren?
Spoedgeval tijdens het bezoekuur
Patiënt: Show Hallo, ik kom zonder afspraak, ik heb heel erge kiespijn, is dit een spoedgeval?
Receptiemedewerker: Show Dat klinkt als een spoedgeval, ik neem uw gegevens op en pak uw medische geschiedenis erbij.
Receptiemedewerker: Show De tandarts heeft nu een patiënt, de wachttijd is ongeveer twintig minuten, kunt u even plaatsnemen in de wachtkamer?
Patiënt: Show Ja hoor, dat is goed, als het langer duurt kunt u mij dan misschien even terugbellen?
Open vragen:
1. Wat zegt de assistent over de wachttijd voor dit spoedgeval?
2. Wat zou u zelf doen als u plotseling erge tandpijn krijgt in het weekend?
Oefening 4: Reageer op de situatie
Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.
1. Je assistent staat bij de receptie. Er belt een patiënt die vandaag nog een afspraak wil, maar de agenda is vol. Leg kort uit wat jij wilt: wel of geen extra afspraak vandaag? (Gebruik: De afspraak, De agenda, inplannen)
Voor de afspraak
Voorbeeld:
Voor de afspraak vandaag is de agenda echt vol. Laten we de patiënt morgen inplannen, bij voorkeur in de ochtend.
2. Je zit aan de stoel en je patiënt klaagt over pijn. Je wilt dat de assistent bij de receptie de urgentie goed noteert bij de volgende patiënt met dezelfde klacht. Zeg wat belangrijk is. (Gebruik: De klacht, De urgentie, noteren)
Bij de urgentie
Voorbeeld:
Bij de urgentie wil ik dat je noteert dat de klacht acuut is, met pijn bij koud en warm, en dat de patiënt vandaag nog gezien moet worden.
3. Je bent bezig met een behandeling. Er komt een telefoontje voor jou, maar je kunt nu niet praten. Zeg tegen je assistent wat zij tegen de patiënt moet zeggen en wanneer jij kunt terugbellen. (Gebruik: Terugbellen, de wachttijd, straks)
Over terugbellen kun je
Voorbeeld:
Over terugbellen kun je zeggen dat ik nu aan de stoel bezig ben en dat ik de patiënt over ongeveer een half uur terugbel, als de wachttijd in de kamer kort blijft.
4. Je loopt na de laatste patiënt de dag door met je assistent aan de balie. Je wilt kort de overdracht van één patiënt bespreken: wat is gedaan en wat de volgende afspraak moet zijn. Leg dit simpel uit. (Gebruik: De overdracht, bespreken, de volgende keer)
Bij de overdracht
Voorbeeld:
Bij de overdracht wil ik dat we kort bespreken wat we bij deze patiënt hebben gedaan en dat we de volgende keer een langere afspraak plannen voor de kroonpreparatie.
Oefening 5: Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf 4 of 5 regels over hoe jij met je assistent aan de balie of bij de stoel een afspraak met een patiënt afstemt.
Nuttige uitdrukkingen:
Kunt u even plaatsnemen in de wachtkamer? / De tandarts is nog bezig, maar uw afspraak gaat door. / Ik noteer dit in het dossier voor de tandarts. / Heeft u nog vragen over uw afspraak?
Oefening 6: Gespreksoefening
Instructie:
- Welke taken voert de assistent uit in elke scène? (Welke taken voert de assistent uit in elke scène?)
- Welke taken zou je 's ochtends aan je assistent toewijzen voordat je bij de kliniek arriveert? (Welke taken zou je je assistent 's ochtends geven voordat je bij de kliniek aankomt?)
- Wat moet de assistent aan het einde van de dag doen, wanneer je klaar bent met het patiëntenschema? (Wat moet de assistent aan het eind van de dag doen, wanneer je klaar bent met het patiëntenrooster?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Instructies voor de leraar
- Lees de voorbeeldzinnen hardop voor.
- Beantwoord de vragen over de afbeelding.
- Studenten kunnen deze oefening ook als geschreven tekst voor de volgende les voorbereiden.
Voorbeeldzinnen:
|
Zodra zij bij de kliniek aankomt, moet de assistent de computer aanzetten en het rooster voor de dag voorbereiden. |
|
Het is erg belangrijk om te controleren of het prothetische werk voor de patiënten van die dag inderdaad is aangekomen. |
|
Voordat de tandarts arriveert, verlaagt zij de tandartsstoel en zet de basisinstrumenten klaar die nodig zijn om de eerste patiënt te behandelen. |
|
Zij moet de gesteriliseerde instrumenten uitnemen en in de laden opbergen. |
|
Aan het einde van de dag moet de tandartsstoel schoon achtergelaten en omhoog geklapt worden. |
|
Voordat u de kliniek verlaat, moet de autoclaaf worden gestart zodat de gebruikte instrumenten de volgende dag steriel zijn. |
| ... |