Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel elk woord aan de juiste definitie.

de taalbarrière: een probleem waardoor mensen elkaar niet goed begrijpen door een andere taal
zich aanpassen: je gedrag veranderen zodat het beter past bij de cliënt of de situatie
bevestigen (wat iemand zegt): laten merken dat je het begrijpt, bijvoorbeeld door te herhalen
de gehoorstoornis: een aandoening waardoor iemand slechter hoort en gesprekken moeilijker zijn
visueel ondersteunen: informatie laten zien met plaatjes of gebaren zodat de cliënt het beter begrijpt

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Korte werkinstructie: cultureel sensitieve communicatie bij bewoners met gehoor- of geheugenproblemen

Vul de lege plekken in: Bevestig, Herhaal, non-verbale, misverstanden, luisterhulpmiddel, gehoorstoornis, beleefdheidsvorm, geheugenstoornis

(Korte werkinstructie: cultureel sensitieve communicatie bij bewoners met gehoor- of geheugenproblemen)

Op onze afdeling wonen bewoners met verschillende culturele achtergronden. Dat merk je in gewoontes en in wat iemand als ervaart. De één verwacht direct contact en een duidelijke uitleg; de ander vindt het prettig als je eerst rustig kennismaakt. Let ook op communicatie, zoals oogcontact, gezichtsuitdrukking en afstand. Bij helpt het om rustig te benoemen wat je ziet: “Ik merk dat dit niet duidelijk is.” Vraag daarna wat iemand nodig heeft en controleer of jullie hetzelfde bedoelen.

Bij bewoners met een of pas je je communicatiestijl aan. Spreek langzaam, in korte zinnen en zonder veel achtergrondgeluid. belangrijke informatie en vat aan het einde samen. Gebruik waar mogelijk een of visuele ondersteuning. wat de bewoner zegt, toon respect en blijf geduldig, ook als iemand boos wordt of het gesprek vaak moet herhalen.

  1. Welke voorbeelden van culturele verschillen noemt de tekst en hoe kun je daarop reageren?

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Tijdens mijn avonddienst merkte ik cultuurverschillen bij een nieuwe bewoner. Zij maakt weinig oogcontact en zegt zelden direct “nee”. Daardoor ontstonden misverstanden over haar pijnmedicatie. Er is ook een taalbarrière en ze heeft een lichte gehoorstoornis, dus ik spreek langzaam en zorg voor een rustig omgevingsgeluid. Ik zet haar luisterhulpmiddel aan en bevestig wat ze zegt. Daarna vat ik kort samen en licht ik de afspraken eenvoudig toe, ook met pictogrammen als geheugenhulpmiddel. Zo toon ik respect en blijft het verwachtingspatroon duidelijk.
Waar Onwaar

Oefening 4: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 5: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie