Verpleegkunde 13 - Medicijngebruik
Medicijngebruik
2. Oefeningen
Oefening 1: Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Medicatiekaart voor de avonddienst
Woorden om te gebruiken: bijwerkingen, inhalatiemiddelen, afvalschema, geneesmiddelen, toediening, maximale, houdbaarheidsdatum, richtlijnen, interacties, dosis, voorschrift, dosering
(Medicatiekaart voor de avonddienst)
In het verpleeghuis gebruikt de avonddienst een medicatiekaart bij de van . Op de kaart staat per bewoner de naam van het geneesmiddel, de en het tijdstip. De verpleegkundige controleert altijd de naam, geboortedatum en het van de arts. Ook kijkt zij in het elektronisch dossier naar eerdere en mogelijke met andere medicijnen.
Bij en injecties volgt de verpleegkundige de van het huis. Zij legt de bewoner rustig uit hoe hij het middel moet gebruiken en wat de dagelijkse is. Verlopen tabletten en zetpillen worden volgens het apart ingezameld. De wordt elke week gecontroleerd, zodat geen verkeerd medicijn wordt gegeven.
-
Waarom gebruikt de avonddienst een medicatiekaart in het verpleeghuis?
-
Welke gegevens controleert de verpleegkundige voordat zij het medicijn geeft?
-
Hoe gaat de verpleegkundige om met verlopen medicijnen in dit verpleeghuis?
-
Hoe wordt in jouw praktijk gecontroleerd of een patiënt een medicijn op de juiste manier gebruikt?
Oefening 2: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Uitleg nieuw medicijn op verpleegafdeling
Verpleegkundige Lisa: Show Meneer De Vries, ik kom uw nieuwe medicijn uitleggen; het staat ook in uw patiëntendossier en op het etiket van het doosje.
Patiënt meneer De Vries: Show Fijn, want ik slik al zo veel tabletten en ik raak snel in de war met de dosering.
Verpleegkundige Lisa: Show Dit geneesmiddel is een tablet, u neemt het oraal in: één tablet om acht uur ’s ochtends en één tablet om acht uur ’s avonds, bij de maaltijd; dat is uw onderhoudsdosering.
Patiënt meneer De Vries: Show En wat als ik een dosis vergeet of een keer te veel inneem?
Verpleegkundige Lisa: Show Als u een dosis vergeet, neemt u die alleen nog in als het minder dan twee uur geleden is; bij een mogelijke overdosering drukt u meteen op de bel, dan controleren wij uw situatie en rapporteren we het aan de voorschrijver.
Patiënt meneer De Vries: Show Zijn er nog speciale dingen waar ik op moet letten, bijvoorbeeld bijwerkingen of mijn nierfunctie?
Verpleegkundige Lisa: Show Ja, meld het direct als u hevige spierpijn, donkere urine of kortademigheid krijgt, want dat kan een bijwerking zijn, zeker omdat uw nierfunctie iets verminderd is.
Patiënt meneer De Vries: Show Dank u, ik zal de instructie goed opvolgen en ik vraag het meteen als ik twijfel.
Open vragen:
1. Welke informatie over de dosering zou jij altijd extra controleren in het patiëntendossier voordat je een geneesmiddel toedient?
2. Wat zou jij doen als een patiënt vertelt dat hij thuis een bijwerking van zijn onderhoudsmedicatie heeft gehad?
Oefening 3: Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf 8 tot 10 zinnen over hoe jij op je werk of stage de toediening en controle van medicijnen organiseert en welke stappen jij belangrijk vindt voor de veiligheid van de patiënt.
Nuttige uitdrukkingen:
Op mijn afdeling wordt eerst gecontroleerd of… / Wij volgen de richtlijn dat… / Ik leg de patiënt altijd uit dat… / Ik vind het belangrijk om regelmatig te controleren of…