Übung 1: Ein Wort zuordnen

Anleitung: Ordnen Sie jedes Wort seiner Definition zu.

de allergie: Een reactie van het lichaam op een bepaald voedingsmiddel; je moet het vermijden. (de allergie: Een reactie van het lichaam op een bepaald voedingsmiddel; je moet het vermijden.)
de koolhydraatbeperking: Een dieetregel waarbij je minder brood, pasta of rijst eet. (de koolhydraatbeperking: Een dieetregel waarbij je minder brood, pasta of rijst eet.)
het aangepaste menu: Een menu dat veranderd is zodat het past bij iemands ziekte of dieetwens. (het aangepaste menu: Een menu dat veranderd is zodat het past bij iemands ziekte of dieetwens.)
lactose-intolerant: Iemand die melkproducten met lactose niet goed kan verdragen. (lactose-intolerant: Iemand die melkproducten met lactose niet goed kan verdragen.)
aanraden: Iets voorstellen als een goede keuze, bijvoorbeeld bij dieet of diabetes. (aanraden: Iets voorstellen als een goede keuze, bijvoorbeeld bij dieet of diabetes.)

Übung 2: Prüfungsvorbereitung

Anleitung: Lies den Text, fülle die Lücken mit den fehlenden Wörtern und beantworte die untenstehenden Fragen.


Aangepast dagmenu op de afdeling

Fülle die Lücken aus: suikerziekte, aanpassen, vermijden, bloedsuikerspiegel, dieetwensen, koolhydraatbeperking, energiebehoefte, voedingsschema, allergieën

(Angepasstes Tagesmenü auf der Station)

Op onze afdeling werken we met een dagmenu en een per patiënt. Bij opname noteert de verpleegkundige en , zodat de keuken het menu op tijd kan . Bij diabetes ( ) letten we extra op de en kiezen we vaker voor vezelrijke voeding en producten met een lage glycemische index. Zo houden patiënten meer energie en voorkomen we grote schommelingen.

Voor sommige patiënten geldt een of zoutbeperking. Dan serveren we kleinere porties en we zoete tussendoortjes. Een vetarme maaltijd kan nodig zijn bij chronische klachten of bij minder beweging. In de avonddienst controleren we of het aangepaste menu is aangekomen en spreken we met de patiënt na wat wel en niet goed ging. Is iets niet leverbaar, dan adviseren we een alternatief dat past bij de voedingswaarde en bij de .
Auf unserer Station arbeiten wir mit einem Tagesmenü und einem Ernährungsplan pro Patient. Bei der Aufnahme notiert die Pflegekraft Diätwünsche und Allergien, damit die Küche das Menü rechtzeitig anpassen kann. Bei Diabetes (Zuckerkrankheit) achten wir besonders auf den Blutzuckerspiegel und wählen häufiger ballaststoffreiche Lebensmittel und Produkte mit einem niedrigen glykämischen Index. So haben die Patienten mehr Energie und wir vermeiden große Schwankungen.

Bei einigen Patienten gilt eine Kohlenhydratbeschränkung oder Salzreduktion. Dann servieren wir kleinere Portionen und vermeiden süße Zwischenmahlzeiten. Eine fettarme Mahlzeit kann bei chronischen Beschwerden oder bei wenig Bewegung nötig sein. Im Spätdienst prüfen wir, ob das angepasste Menü angekommen ist, und sprechen mit dem Patienten nach, was gut und was nicht gut gelaufen ist. Ist etwas nicht lieferbar, empfehlen wir eine Alternative, die zur Nährwertzusammensetzung und zum Energiebedarf passt.

  1. Welke maatregelen neemt de afdeling om de maaltijden veilig en passend te maken voor patiënten met speciale dieetwensen?

    (Welche Maßnahmen ergreift die Station, um die Mahlzeiten für Patienten mit speziellen Diätwünschen sicher und passend zu gestalten?)

Übung 3: Hörverstehen

Anleitung: Hören Sie sich das Audiofragment an und geben Sie an, ob die folgenden Aussagen wahr oder falsch sind.

Voor de avonddienst kijk ik het voedingsschema van mevrouw De Vries nog even na. Ze heeft suikerziekte, dus we letten op haar bloedsuikerspiegel en houden een koolhydraatbeperking aan. Vandaag vraagt ze ook om zuivelvrij te eten, omdat ze lactose-intolerant is. Ik pas het aangepaste menu aan: een vetarme maaltijd met vezelrijke producten en een kleine portie aardappelen. Ik raad haar aan zoete desserts te vermijden. Straks warm ik het dieetvoedsel op en serveer het rond zes uur. Morgen wil ik dit nog even met de diëtist naspreken.
(Für den Spätdienst überprüfe ich noch einmal den Ernährungsplan von Frau De Vries. Sie hat Diabetes, deshalb achten wir auf ihren Blutzuckerspiegel und halten eine kohlenhydratreduzierte Ernährung ein. Heute wünscht sie außerdem eine milchfreie Kost, da sie laktoseintolerant ist. Ich passe das Menü an: eine fettarme Mahlzeit mit ballaststoffreichen Produkten und einer kleinen Portion Kartoffeln. Ich rate ihr, süße Desserts zu vermeiden. Gleich erwärme ich die Diätkost und serviere sie gegen sechs Uhr. Morgen möchte ich das noch einmal mit der Diätassistentin besprechen.)
Wahr Falsch

(Die Sprecherin überprüft den Ernährungsplan einer Patientin während des Spätdienstes.)

(Die Patientin darf heute Milch verwenden, weil sie nicht laktoseintolerant ist.)

(Das Essen wird gegen sechs Uhr serviert.)

Übung 4: Dialogkarten

Anleitung: Übe das Gespräch mit deinem Lehrer oder deinen Mitschülern.

Übung 5: Korrespondenz verfassen

Anleitung: Schreibe eine Antwort auf folgende Nachricht, die der Situation angemessen ist.