Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

la peau — la surface du corps (la peau — de huid)
une plaie — une blessure (une plaie — een wond)
une rougeur — une zone rouge (une rougeur — een roodheid)
nettoyer la plaie — laver la plaie (nettoyer la plaie — de wond reinigen)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Note de service – Surveillance de la peau (service de soins)

Vul de lege plekken in: rougeur, plaie, points d’appui, escarres, lésion, œdème, peau, protocole d’hygiène

(Dienstnota – Huidcontrole (verzorgingsdienst))

Note de service: Pour prévenir les , l’équipe vérifie la à chaque toilette et à chaque changement de position. Regardez surtout les : talons, sacrum, hanches et coudes. Une qui ne disparaît pas après 10 minutes est un signe d’alerte, même si la peau est intacte.

Si vous voyez une , une ou un , notez l’endroit, la tailleet la douleur. Respectez le : lavage des mains, gants, nettoyage doux à l’eau et au savon, puis pansement propre si nécessaire. Prévenez l’infirmiersi la zone devient chaude, si elle sent mauvais ou si le patient a de la fièvre : cela peut indiquer une infection.
Dienstnota (Frankrijk): Om doorligwonden te voorkomen controleert het team de huid bij elke verzorging en bij elke houdingsverandering. Let vooral op de drukpunten: hielen, sacrum, heupen en ellebogen. Een roodheid die niet verdwijnt na 10 minuten is een alarmteken, zelfs als de huid intact is.

Als u een wonde, een beschadiging of een oedeem ziet, noteer dan de plaats, de omvang (klein of groot) en de pijn. Volg het hygiëneprotocol: handen wassen, handschoenen aantrekken, zacht reinigen met water en zeep en indien nodig een schoon verband aanleggen. Verwittig de verpleegkundige als de plek warm wordt, onaangenaam ruikt of als de patiënt koorts heeft: dat kan op een infectie wijzen.

  1. Quels points d’appui faut-il surveiller régulièrement et pourquoi ?

    (Welke drukpunten moet u regelmatig controleren en waarom?)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Ce matin, j9ai fait l9e9valuation de la peau de Monsieur Leroy. Il reste souvent au lit, donc j9ai ve9rifie9 les points d9appui, surtout les talons et le sacrum. J9ai observe9 une rougeur et un le9ger 53de8me au talon droit. Il a dit qu9il sentait moins cette zone. J9ai nettoye9 la petite plaie, j9ai applique9 un pansement et suivi le protocole de9 hygie8ne. Ensuite, j9ai note9 un risque d9ulce8re de pression et je lui ai rappele9 de changer de position toutes les deux heures.
(Vanmorgen heb ik de huid van meneer Leroy beoordeeld. Hij ligt vaak in bed, daarom heb ik de drukpunten gecontroleerd, vooral de hielen en het sacrum. Ik zag een roodheid en een lichte zwelling aan de rechterhiel. Hij zei dat hij dat deel minder goed voelt. Ik heb het kleine wondje schoongemaakt, een verband aangebracht en het hygiëneprotocol gevolgd. Daarna noteerde ik een risico op doorligwonden en herinnerde ik hem eraan om elke twee uur van houding te veranderen.)
Waar Onwaar

(De zorgverlener ziet een beginnende klacht aan de rechterhiel en grijpt direct in.)

(Meneer Leroy beweegt veel overdag, dus er is geen risico op doorligwonden.)

(Na de verzorging raadt zij aan in dezelfde houding te blijven om pijn te vermijden.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Je ___ la plaie avec du sérum physiologique, puis j’applique un pansement propre.

(Je ___ la plaie avec du sérum physiologique, puis j’applique un pansement propre.)

2. Pour éviter une escarre, vous ___ de position toutes les deux heures.

(Pour éviter une escarre, vous ___ de position toutes les deux heures.)

3. Nous ___ le protocole d’hygiène avant la toilette des plaies.

(Nous ___ le protocole d’hygiène avant la toilette des plaies.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

La peau est… (rouge, enflée, sensible). / Il faut changer de position et surveiller la zone. / D’abord je nettoie la plaie, ensuite j’applique un pansement.

  1. Vous êtes aide-soignant(e) et vous voyez une rougeur sur la peau d’un patient alité : que faites-vous d’abord et à qui en informez-vous ?
    U bent verzorgende en u ziet een roodheid op de huid van een bedlegerige patiënt: wat doet u eerst en aan wie meldt u dit?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Expliquez brièvement comment vous nettoyez une petite plaie et appliquez un pansement en respectant les règles d’hygiène.
    Leg kort uit hoe u een kleine wond reinigt en een verband aanbrengt volgens de hygiëneregels.

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie