Enfermería 2 - Trabajo diario y turnos
Dagelijks werk en diensten
2. Ejercicios
Ejercicio 1: Redacción de correspondencia
Instrucción: Escribe una respuesta al siguiente mensaje adecuada a la situación
Correo electrónico: Recibes un correo electrónico de tu jefe de departamento en el hospital sobre la planificación de los turnos; debes responder indicando tu disponibilidad y proponiendo cambiar un turno o no.
Onderwerp: Planning diensten komende week
Beste collega,
Volgende week is de planning op de afdeling erg strak. Er zijn veel patiënten en twee collega’s hebben zich afgemeld voor hun nachtdienst.
In het rooster sta jij nu zo ingepland:
- Maandag: dagdienst (07.00 – 15.30)
- Woensdag: avonddienst (15.00 – 23.30)
- Vrijdag: dagdienst (07.00 – 15.30)
We zoeken nog iemand voor een extra nachtdienst op dinsdag (23.00 – 07.30). Kun jij je hiervoor aanmelden? Natuurlijk krijg je daar later een andere dienst voor terug, zodat je uren kloppen.
Als je niet kunt, is dat geen probleem, maar laat mij dan even weten op welke dagen je wél beschikbaar bent voor een extra dienst in deze week. Dan kan ik de diensten beter inplannen en de taken verdelen in het team.
Graag je reactie vóór morgen 16.00 uur, zodat ik de planning kan afronden en de dienstdoende verpleegkundigen goed kan informeren bij de overdracht.
Met vriendelijke groet,
Marieke de Jong
Afdelingshoofd Interne Geneeskunde
Asunto: Planificación de turnos para la próxima semana
Estimado/a compañero/a,
La próxima semana la planificación en la sección está muy ajustada. Hay muchos pacientes y dos compañeras se han dado de baja para su turno de noche.
En el horario estás programado/a así:
- Lunes: turno de día (07.00 – 15.30)
- Miércoles: turno de tarde (15.00 – 23.30)
- Viernes: turno de día (07.00 – 15.30)
Estamos buscando a alguien para un turno extra de noche el martes (23.00 – 07.30). ¿Puedes apuntarte para ese turno? Por supuesto, más adelante recibirás otro turno a cambio para que tus horas cuadren.
Si no puedes, no hay problema, pero por favor indícame en qué días sí estás disponible para un turno extra esa semana. Así podré planificar mejor los turnos y repartir las tareas en el equipo.
Por favor, responde antes de mañana a las 16:00, para que pueda finalizar la planificación e informar bien a las enfermeras de guardia durante la transferencia de turno.
Un saludo cordial,
Marieke de Jong
Jefa de la Sección de Medicina Interna
Entiende el texto:
-
Waarom schrijft Marieke deze e-mail aan de collega?
(¿Por qué envía Marieke este correo a la compañera o compañero?)
-
Wat vraagt Marieke precies over de nachtdienst op dinsdag en de beschikbaarheid in die week?
(¿Qué pide exactamente Marieke sobre el turno de noche del martes y la disponibilidad durante esa semana?)
Frases útiles:
-
Bedankt voor uw e-mail over de planning.
(Gracias por su correo sobre la planificación.)
-
Ik kan wel / niet werken op...
(Puedo / No puedo trabajar el...)
-
Ik ben beschikbaar voor een extra dienst op...
(Estoy disponible para un turno extra el...)
Bedankt voor uw e-mail over de planning van volgende week.
Ik kan helaas niet werken in de nachtdienst op dinsdag. Op woensdagnacht kan ik wél een extra dienst doen. Donderdagavond ben ik ook beschikbaar.
Als het nodig is, kan ik op vrijdag ruilen: ik kan dan in de avonddienst werken in plaats van de dagdienst.
Kunt u laten weten of dit helpt voor de planning?
Met vriendelijke groet,
[Je naam]
Verpleegkundige
Estimada Marieke,
Gracias por su correo sobre la planificación de la próxima semana.
Lamentablemente no puedo trabajar en el turno de noche del martes. En la noche del miércoles sí puedo hacer un turno extra. El jueves por la tarde también estoy disponible.
Si hace falta, puedo cambiar el viernes: podría entonces trabajar en el turno de tarde en lugar del turno de día.
¿Puede decirme si esto ayuda con la planificación?
Un saludo cordial,
[Tu nombre]
Enfermero/a
Ejercicio 2: Opción múltiple
Instrucción: Elige la solución correcta
1. Ik ___ mij elke ochtend om zeven uur aan bij de balie voor mijn dienst.
(Yo ___ cada mañana a las siete en la recepción para mi turno.)2. De planner ___ mij morgen in de nachtdienst in omdat ik dan beschikbaar ben.
(El planificador ___ me mañana en el turno de noche porque estaré disponible entonces.)3. Als ik ziek ben, ___ ik mijn dienst zo vroeg mogelijk af.
(Si estoy enfermo, ___ mi turno lo antes posible.)4. Aan het einde van de dienst ___ ik de zorg voor mijn patiënten ___ aan de nachtdienst.
(Al final del turno ___ yo la atención de mis pacientes ___ al turno de noche.)Ejercicio 3: Tarjetas de diálogo
Instrucción: Selecciona una situación y practica la conversación con tu profesor o compañeros.
Nachtdienst ruilen met collega
Verpleegkundige Sanne: Mostrar Hé Mark, kun je even praten over het dienstrooster?
(Oye Mark, ¿puedes hablar un momento sobre el horario de turnos?)
Collega Mark: Mostrar Ja hoor, wat is er met je nachtdienst van vrijdag?
(Claro, ¿qué pasa con tu turno nocturno del viernes?)
Verpleegkundige Sanne: Mostrar Ik ben dan niet beschikbaar, kun jij die nachtdienst overnemen als ik jouw avonddienst op zondag doe?
(No estoy disponible ese día, ¿puedes cubrir ese turno nocturno si yo hago tu turno de tarde del domingo?)
Collega Mark: Mostrar Dat is goed, ik meld me aan voor jouw nachtdienst en jij neemt mijn avonddienst over.
(Está bien, yo cubriré tu turno nocturno y tú tomarás mi turno de tarde.)
Preguntas abiertas:
1. Welke dienst wil Sanne ruilen en waarom?
¿Qué turno quiere cambiar Sanne y por qué?
2. Heb jij wel eens een dienst geruild? Met wie en waarom?
¿Alguna vez has cambiado un turno? ¿Con quién y por qué?
Afmelden voor teamvergadering
Verpleegkundige David: Mostrar Hoi Iris, ik wil me afmelden voor de teamvergadering van vanmiddag.
(Hola Iris, quiero ausentarme de la reunión de equipo de esta tarde.)
Teamleider Iris: Mostrar Oké, wat is de reden? De planning voor de dagdienst is best belangrijk.
(De acuerdo, ¿cuál es el motivo? La organización del turno diurno es bastante importante.)
Verpleegkundige David: Mostrar Ik heb een patiënt met hoge urgentie om drie uur, dus ik moet bij de overdracht en de zorg blijven.
(Tengo un paciente con alta urgencia a las tres, así que debo quedarme en la transferencia y en los cuidados.)
Teamleider Iris: Mostrar Begrijp ik, ik noteer het in de planning en ik spreek je later even aan over de taken.
(Entiendo, lo anoto en la planificación y luego hablo contigo sobre las tareas.)
Preguntas abiertas:
1. Waarom meldt David zich af voor de teamvergadering?
¿Por qué se ausenta David de la reunión de equipo?
2. Wanneer vind jij een teamvergadering belangrijk? Geef een voorbeeld.
¿Cuándo te parece importante una reunión de equipo? Da un ejemplo.
Ejercicio 4: Responde a la situación
Instrucción: Practica en parejas o con tu profesor.
1. Je collega van de avonddienst belt je. Zij is ziek en kan niet komen. Jij belt de planner van het ziekenhuis om dit te melden en te vragen naar een oplossing. (Gebruik: De dienst, De vervanging, De beschikbaarheid)
(Tu compañera del turno de tarde te llama. Está enferma y no puede venir. Tú llamas al planificador del hospital para comunicarlo y pedir una solución. (Usa: El turno, La sustitución, La disponibilidad))Voor de vervanging
(Para la sustitución ...)Ejemplo:
Voor de vervanging van de dienst van vanavond kunt u mijn beschikbaarheid noteren. Ik kan langer blijven als het nodig is, maar misschien is er ook een andere collega vrij.
(Para la sustitución del turno de esta noche puede anotar mi disponibilidad. Puedo quedarme más tiempo si hace falta, pero quizá haya otra compañera disponible.)2. Je teamleider vraagt hoe jouw week er precies uitziet. Leg kort je diensten uit, zodat hij het dienstrooster kan controleren. (Gebruik: De dagdienst, De nachtdienst, Het dienstrooster)
(Tu jefe de equipo pregunta cómo es exactamente tu semana. Explica brevemente tus turnos para que él pueda comprobar el horario de turnos. (Usa: El turno de día, El turno de noche, El horario de turnos))In het dienstrooster
(En el horario de turnos ...)Ejemplo:
In het dienstrooster sta ik maandag en dinsdag in de dagdienst, en woensdag in de nachtdienst. Donderdag en vrijdag ben ik vrij.
(En el horario de turnos estoy de día el lunes y el martes, y el miércoles en el turno de noche. El jueves y el viernes estoy libre.)3. Je moet samen met een nieuwe collega afspreken wanneer jullie overleg hebben om de patiënten te bespreken. Stel een moment voor dat in de planning past. (Gebruik: Afspreken, Het overleg, Inplannen)
(Tienes que quedar con una nueva compañera para decidir cuándo tendrán la reunión para hablar sobre los pacientes. Propón un momento que encaje en la planificación. (Usa: Quedar, La reunión, Programar))Voor het overleg
(Para la reunión ...)Ejemplo:
Voor het overleg kunnen we morgen na de pauze afspreken. Dan kunnen we een half uur inplannen om alle patiënten rustig te bespreken.
(Para la reunión podemos quedar mañana después de la pausa. Podemos programar media hora para comentar todos los pacientes con calma.)4. Aan het einde van jouw nachtdienst komt de collega voor de dagdienst. Leg kort uit welke taken jij hebt gedaan en wat zij nog moet doen. (Gebruik: Overdragen, Verantwoordelijk, Samenwerken)
(Al final de tu turno de noche llega la compañera del turno de día. Explica brevemente qué tareas has realizado y qué tiene que hacer ella. (Usa: Traspasar, Responsable, Colaborar))Bij het overdragen
(Al traspasar ...)Ejemplo:
Bij het overdragen vertel ik dat ik verantwoordelijk was voor kamer 10 tot en met 15. De wonden zijn verschoond, maar de medicatie van 8 uur moet jij nog geven. Als er vragen zijn, schrijf ik het in het dossier, zodat we goed kunnen samenwerken.
(Al traspasar explico que yo fui responsable de las habitaciones 10 a 15. Las heridas están curadas, pero la medicación de las 8 la tienes que administrar tú. Si hay preguntas, lo anoto en la historia clínica para que podamos colaborar bien.)Ejercicio 5: Ejercicio de escritura
Instrucción: Escribe 4 o 5 frases sobre tu propia jornada de trabajo o de estudio: ¿a qué hora empiezas, qué tareas tienes y cómo planificas tus pausas o citas?
Expresiones útiles:
Ik begin om ... uur met ... / Mijn belangrijkste taken zijn ... / In de pauze ... / Aan het einde van de dag ...