Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

La couronne — la partie visible de la dent (La couronne — het zichtbare deel van de tand)
La racine — la partie dans l'os alvéolaire (La racine — het deel dat in het alveolaire bot zit)
L'émail — la couche dure de la dent (L'émail — de harde laag van de tand)
La chambre pulpaire — l'intérieur de la dent (La chambre pulpaire — het binnenste van de tand)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Note de cabinet : repérer une dent (système FDI)

Vul de lege plekken in: gencives, racine, molaire, couronne, chambre pulpaire, dentine, nerf, émail

(Cabinetnota: een tand lokaliseren (FDI-systeem))

Au cabinet, pour gagner du temps, l’équipe note les dents avec le système FDI. Il y a quatre quadrants : en haut à droite (1), en haut à gauche (2), en bas à gauche (3) et en bas à droite (4). Chaque dent est identifiée par deux chiffres : le numéro du quadrant et la position de la dent de 1 à 8. Exemple : 16 = quadrant 1, sixième dent (une ).

Rappel d’anatomie : une dent comporte une et une . La couronne est recouverte d’ ; sous l’émail se trouve la . Au centre, la contient le . En cas de sensibilité au froid, on vérifie aussi les : si une partie de la racine est exposée, la dentine peut être plus sensible.
Op de praktijk noteert het team, om tijd te besparen, de tanden met het FDI-systeem. Er zijn vier kwadranten: rechtsboven (1), linksboven (2), linksonder (3) en rechtsonder (4). Elke tand wordt geïdentificeerd door twee cijfers: het kwadrantnummer en de positie van de tand van 1 tot 8. Voorbeeld: 16 = kwadrant 1, zesde tand (een kies).

Herhaling anatomie: een tand bestaat uit een kroon en een wortel. De kroon is bedekt met glazuur; onder het glazuur ligt het dentine. In het midden bevat de pulpakamer de zenuw. Bij gevoeligheid voor koude controleert men ook het tandvlees: als een deel van de wortel blootligt, kan het dentine gevoeliger zijn.

  1. Comment interpréter le numéro 16 dans le système FDI ?

    (Hoe interpreteert u het nummer 16 in het FDI-systeem?)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Demain matin j’ai un rendez-vous au cabinet avec une nouvelle patiente. Je prépare son dossier et je vérifie le schéma des dents avec la numérotation FDI. Je repère l’incisive, la canine, puis la prémolaire et la molaire. Je note aussi la couronne et la racine, et je regarde l’émail et la dentine. Si la douleur vient près de l’apex de la dent, je pense au nerf dans la chambre pulpaire. Je contrôle aussi l’os alvéolaire et le ligament parodontal.
(Morgen heb ik ’s ochtends een afspraak in de praktijk met een nieuwe patiënte. Ik maak haar dossier klaar en controleer het tanddiagram met de FDI-nummering. Ik herken de snijtand, de kies, daarna de premolaar en de molaar. Ik noteer ook de kroon en de wortel en kijk naar het glazuur en het dentine. Als de pijn uit de buurt van de apex van de tand komt, denk ik aan de zenuw in de pulpakamer. Ik controleer ook het alveolaire bot en het parodontale ligament.)
Waar Onwaar

(De persoon bereidt zich voor op een consult in de tandartspraktijk de volgende ochtend.)

(Ze gebruikt de FDI-nummering niet om de tanden te identificeren.)

(Ze denkt dat de pijn kan voortkomen van de pulpa(zenuw) nabij de apex van de tand.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Dans le schéma, la couronne ___ la partie que l’on voit au‑dessus de la gencive.

(In de afbeelding ___ de kroon het deel dat boven het tandvlees zichtbaar is.)

2. Le dentiste explique que la racine ___ dans l’os alvéolaire.

(De tandarts legt uit dat de wortel ___ in het kaakbot.)

3. Pendant l’examen, vous ___ la bouche et montrez vos lèvres au praticien.

(Tijdens het onderzoek ___ u uw mond open en toont uw lippen aan de behandelaar.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

Je vais expliquer simplement… / C'est la couronne / la racine de la dent. / Selon la numérotation FDI, c'est la dent…

  1. Expliquez à un patient où se situe la douleur : décrivez brièvement la dent (couronne, racine) et pourquoi elle peut être sensible.
    Leg aan een patiënt uit waar de pijn zit: beschrijf kort de tand (kroon, wortel) en waarom ze gevoelig kan zijn.

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Au cabinet, on vous demande d'identifier une dent avec le système FDI : dites le numéro et le nom de la dent (incisive, canine, prémolaire, molaire).
    Op de praktijk wordt u gevraagd een tand aan te geven met het FDI-systeem: noem het nummer en de naam van de tand (snijtand, hoektand, premolaar, molaar).

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie


Objet : Dossier patient – sensibilité au froid

Bonjour,

Pour M. Benali (demain 9h), il signale : « douleur au froid sur la molaire en haut à droite ». J’ai noté la dent 16 (FDI), mais je ne suis pas sûre. Tu confirms ?

Faut‑il préciser que le problème est sur la couronne ou plutôt sur la racine (la gencive paraît un peu basse) ?

Merci,
Sophie (assistante)


Onderwerp : Patiëntendossier – gevoeligheid voor koude

Hallo,

Voor de heer Benali (morgen 9u) meldt hij: « pijn bij koude aan de kies rechtsboven ». Ik heb tand 16 genoteerd (FDI), maar ik ben niet zeker. Bevestig jij?

Moeten we aangeven dat het probleem op de kroon zit of eerder op de wortel (het tandvlees lijkt wat laag)?

Bedankt,
Sophie (assistente)


Nuttige zinnen:

  1. Je confirme que la dent est la ... (FDI).

    (Ik bevestig dat het de tand ... is (FDI).)

  2. Je pense que la sensibilité vient plutôt de la ...

    (Ik denk dat de gevoeligheid eerder van de ... komt.)

  3. Merci de prévoir ... pour le rendez‑vous.

    (Graag voorzien: ... voor de afspraak.)

Bonjour Sophie,

Je confirme : « en haut à droite » correspond au quadrant 1. Si c’est une molaire permanente postérieure, la dent probable est la 16. Notez « 16 (molaire supérieure droite) » et on vérifie au fauteuil.

La sensibilité semble venir plutôt de la racine, car la gencive est basse et une partie de la racine est exposée. Pour le rendez‑vous, prévoir un test au froid et une radio si la douleur persiste.

Merci,
[Votre prénom]

Hallo Sophie,

Ik bevestig: « rechtsboven » komt overeen met kwadrant 1. Als het een blijvende achterste kies is, is de waarschijnlijke tand 16. Noteer « 16 (rechter bovenste kies) » en we controleren dit bij de stoel.

De gevoeligheid lijkt eerder van de wortel te komen, omdat het tandvlees laag staat en een deel van de wortel blootligt. Voor de afspraak graag een koude-test en een röntgenfoto voorzien als de pijn aanhoudt.

Dank,
[Uw voornaam]