B1.3 - Emoties uiten op het werk
B1.3 - Emoties uiten op het werk

B1.3 - Emoties uiten op het werk - Woordenschat

Emoties uiten op het werk


Woordenschat (24)

Eenzaam Show

Eenzaam Show

Dankbaar Show

Dankbaar Show

Beleefd Show

Beleefd Show

Onbeleefd Show

Onbeleefd Show

Overdreven Show

Overdreven Show

Het gevoel Show

Het gevoel Show

Zich schamen Show

Zich schamen Show

Zich schamen over Show

Zich schamen over Show

Zich ergeren (aan) Show

Zich ergeren (aan) Show

Merken (van) Show

Merken (van) Show

Balen van Show

Balen van Show

Zeuren Show

Zeuren Show

Aankijken tegen Show

Aankijken tegen Show

Boos zijn op/over Show

Boos zijn op/over Show

Huilen om Show

Huilen om Show

Teleurgesteld Show

Teleurgesteld Show

Bezwijken onder Show

Bezwijken onder Show

Lijden onder Show

Lijden onder Show

Zich schikken in Show

Zich schikken in Show

Zich neerleggen bij Show

Zich neerleggen bij Show

Omgaan met Show

Omgaan met Show

Voor lief nemen Show

Voor lief nemen Show

Smeken om Show

Smeken om Show

Schelden op Show

Schelden op Show

Zich schamen (zich schamen)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) schaam me
(jij/je) schaam je
(hij/zij/ze/het) schaamt zich
(wij/we) schamen ons
(jullie) schamen jullie
(zij/ze) schamen zich

schelden (schelden)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) scheld
(jij/je) scheldt
(hij/zij/ze/het) scheldt
(wij/we) schelden
(jullie) schelden
(zij/ze) schelden