De voltooid voorwaardelijke tijd beschrijft hypothetische situaties in het verleden, vaak in combinatie met 'als'.
- Vorm: zou(den) + hebben / zijn + voltooid deelwoord.
| Onderwerp | Zou(den) + zijn + voltooid deelwoord | Zou(den) + hebben + voltooid deelwoord |
| Ik | zou zijn gegaan | zou gefocust hebben op |
| Jij/je/u | zou zijn gegaan | zou gefocust hebben op |
| Hij/zij/het | zou zijn gegaan | zou gefocust hebben op |
| Wij/we | zouden zijn gegaan | zouden gefocust hebben op |
| Jullie | zouden zijn gegaan | zouden gefocust hebben op |
| Ze/zij | zouden zijn gegaan | zouden gefocust hebben op |
Uitzonderingen!
- Let op het verschil met de gewone voorwaardelijke tijd: 'ik zou komen' vs 'ik zou gekomen zijn'.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Als ik beter had gepland, _____ ik voor de toets minder stress hebben gehad.
2. Als we de uitleg van de docent beter hadden begrepen, _____ we voor de herkansing niet zo hebben geworsteld.
3. Als zij haar agenda vrij had gehouden, _____ ze zich beter op haar studieplanning hebben geconcentreerd.
4. Als jij eerder was begonnen met leren, zou je met meer vertrouwen naar het examen _____ gegaan.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen met de voltooid voorwaardelijke tijd: zou(den) + hebben/zijn + voltooid deelwoord (bijv. Als ik tijd had gehad, zou ik eerder zijn gekomen).
-
Als ik eerder had vertrokken, was ik op tijd op het werk.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAls ik eerder was vertrokken, zou ik op tijd op mijn werk zijn geweest.
-
Als we meer informatie hadden gevraagd, maakten we een betere keuze.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAls we meer informatie hadden gevraagd, zouden we een betere keuze hebben gemaakt.
-
Als jij je agenda beter had gepland, miste je de afspraak niet.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAls jij je agenda beter had gepland, zou je de afspraak niet hebben gemist.
-
Als hij het contract goed had gelezen, tekende hij het niet.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAls hij het contract goed had gelezen, zou hij het niet hebben getekend.
Oefening 3: Grammatica in actie
Instructie: Bespreek wat je anders zou hebben gedaan om voor de toets te slagen.
- Welke voorbereiding ontbrak er en wat zouden jullie anders hebben gepland?
- Waar worstelde je mee tijdens de toets en waarop zou je je hebben gefocust?
- De voorbereiding - ik zou me beter hebben voorbereid op de toets.
- Worstelen met - ik zou meer hebben geoefend met moeilijke onderdelen.
- Herkansing - wij zouden met een betere studieplanning begonnen zijn.
- zou zijn gegaan
- zou gefocust hebben op