Tegenstellende signaalwoorden geven een contrast aan tussen twee zinnen of ideeën, zoals echter, daarentegen, desondanks, wel, toch, juist, en eens.
| Signaalwoord | Voorbeeld |
| echter | De afspraak was om 10 uur, echter ik was te laat. |
| daarentegen | Ik wilde een krullenpermanent, daarentegen koos ik voor steil haar. |
| desondanks | Het was druk in de salon, desondanks was ik op tijd voor mijn afspraak. |
| wél | Ik wilde geen lippenstift, wél koos ik voor een subtiele tint. |
| toch | Ik was van plan om een kort kapsel te nemen, toch ging ik voor langer haar. |
| juist | De kleur van mijn haar is juist zoals ik had gevraagd. |
| eens | Ik had eens een andere kapper, maar deze is veel beter. |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Ik had om 15.00 uur een afspraak, ___ ik stond in de file en kwam tien minuten te laat.
2. U zei dat u het niet te kort wilde, ___ hebben we de puntjes eraf gehaald.
3. Het was druk in de salon; ___ werd ik meteen geholpen.
4. U wilde geen felle lippenstift, ___ een subtiele tint die bij uw oogschaduw past.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf telkens de twee zinnen tot één zin met het tegenstellende signaalwoord dat tussen haakjes staat (bijv. Het regende. Ik ging wandelen. → Het regende, toch ging ik wandelen).
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk wilde vanmiddag naar de kapper, echter had ik geen tijd.
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldMijn collega reist het liefst met de trein, daarentegen ga ik meestal met de auto.
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldHet was erg druk in de winkel, desondanks werden we snel geholpen.
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk wilde geen afspraak maken, toch belde ik de volgende dag om een tijd te kiezen.
Oefening 3: Grammatica in actie
Instructie: Speel een telefoongesprek en onderhandel over tijd, wensen en oplossingen.
- Leg kort uit wat er misging en wat je oorspronkelijk wilde.
- Vergelijk twee kapselopties en bespreek voor- en nadelen; kies samen één optie en plan een nieuwe afspraak.
- Is er een afspraak beschikbaar?
- Ik wil de afspraak verzetten.
- Ik wilde krullend haar, maar toch liever steil.
- echter
- desondanks
- toch