Gebruik hoewel, ondanks dat, terwijl, wanneer, nu, toen, zolang als, ofschoon, zoals voor contrast of tijdsaanduiding in een bijzin, met het werkwoord achteraan.
Uitleg van de docent
Wat doen deze voegwoorden?
Met deze voegwoorden voeg je een bijzin toe. Die bijzin geeft extra informatie over:
tegenstelling / concessie: iets gebeurt tóch
tijd / moment: wanneer iets gebeurt
voorwaarde / duur: onder welke conditie, en hoelang
vergelijking: op dezelfde manier als
De hoofdregel: werkwoord (persoonsvorm) achteraan in de bijzin
Het voegwoord start de bijzin.
In de bijzin staat de persoonsvorm meestal achteraan.
Structuur
Voorbeeld
Hoofdzin, voegwoord + … + persoonsvorm.
Ik betaal de aanslag, hoewel het bedrag erg hoog is.
Voegwoord + … + persoonsvorm, hoofdzin.
Wanneer ik mijn salaris krijg, betaal ik de aanslag.
Veelgemaakte fout (en snelle check)
Checkvraag: staat de persoonsvorm in de bijzin echt op het einde?
Goed: Ik maak de betaling wanneer ik mijn salaris krijg.
Fout:Ik maak de betaling wanneer ik krijg mijn salaris.
Goed: Hij spaart weinig, ondanks dat hij een goed inkomen heeft.
Fout:Hij spaart weinig, ondanks dat hij heeft een goed inkomen.
Wanneer kies je welk voegwoord?
Betekenis
Voegwoorden
Praktisch voorbeeld
Tegenstelling (het gebeurt tóch)
hoewel, ofschoon, ondanks dat
Ik ga naar de afspraak, hoewel ik erg moe ben.
Twee dingen tegelijk / contrast
terwijl
Ze spaart elke maand, terwijl ze ook veel geld uit geeft.
Tijd: moment (algemeen/nu of toekomst)
wanneer
Ik betaal de rekening wanneer ik mijn salaris krijg.
Tijd: startpunt vanaf nu (nieuwe situatie)
nu
We kunnen meer sparen, nu onze vaste lasten lager zijn.
Tijd: vroeger (toen, destijds)
toen
Ik betaalde alles op tijd, toen mijn inkomen lager was.
Voorwaarde / duur (tot hoelang?)
zolang (als)
Ik blijf extra aflossen, zolang mijn rentevaste periode nog loopt.
Vergelijking (op dezelfde manier)
zoals
Ik zet geld opzij, zoals mijn adviseur het heeft uitgelegd.
hoewel / ofschoon: focus op “toch”. Ik ga, hoewel ik moe ben.
ondanks dat: klinkt iets formeler/zakelijker, vaak in schrijven. Ondanks dat de cijfers tegenvallen, investeren we door.
terwijl: twee situaties naast elkaar (vaak tegelijk) en meestal met contrast. Hij klaagt over kosten, terwijl hij elke week uit eten gaat.
Zelfcheck (30 seconden)
Heb ik een voegwoord gekozen dat past bij de betekenis (tijd, tegenstelling, voorwaarde, vergelijking)?
Begint de bijzin met dat voegwoord?
Staat de persoonsvorm in de bijzin helemaal achteraan?
Als de bijzin vooraan staat: staat in de hoofdzin de persoonsvorm dan op plek 2? Wanneer ik mijn salaris krijg, betaal ik de rekening.
Het voegwoord start de bijzin.
Voegwoord
Voorbeeld
hoewel
Ik betaal de belastingaanslag, hoewel het bedrag erg hoog is.
ondanks dat
Hij spaart weinig, ondanks dat hij een goed inkomen heeft.
terwijl
Zij spaart elke maand, terwijl ze veel geld uitgeeft.
wanneer
Ik betaal de belastingaanslag wanneer ik mijn salaris krijg.
nu
Zij spaart elke maand, nu haar inkomen hoger is.
toen
Ik betaalde alles op tijd, toen mijn inkomen lager was.
zolang als
Zij spaart elke maand, zolang als haar kosten laag blijven.
ofschoon
Hij spaart, ofschoon hij veel geld uitgeeft.
zoals
Zij geeft geld uit, zoals anderen dat ook doen.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie:
Kies het juiste antwoord
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
GratisNL
Audio voorbereiden…
0:00
0:00
Audiotranscriptie
NL + NL
Audio voorbereiden…
0:00
0:00
Audiotranscriptie
Flitskaartjes
Je hebt alle kaarten gezien.
1.Ik betaal de belastingaanslag vandaag, ____ het bedrag erg hoog is.Ik betaal de belastingaanslag vandaag, hoewel het bedrag erg hoog is.
2.Hij blijft contactloos afrekenen, ____ hij zijn pincode soms vergeet.Hij blijft contactloos afrekenen, ondanks dat hij zijn pincode soms vergeet.
3.____ ik mijn salaris krijg, maak ik de bijdrage direct over naar het juiste rekeningnummer.Wanneer ik mijn salaris krijg, maak ik de bijdrage direct over naar het juiste rekeningnummer.
4.____ mijn woonlasten laag blijven, kan ik elke maand iets overhouden.Zolang mijn woonlasten laag blijven, kan ik elke maand iets overhouden.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie:
Voeg de twee zinnen samen tot één zin met een bijzin. Gebruik het voegwoord in de haakjes en zet het werkwoord in de bijzin achteraan. (Voorbeeld: Ik ga toch. Ik ben moe. → Ik ga toch, hoewel ik moe ben.)
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.