Voltooid tegenwoordige tijd met zijn
De voltooid tegenwoordige tijd met zijn gebruik je bij beweging, verandering en bij werkwoorden zoals gaan, komen, blijven en gebeuren.
- De voltooide tijd van een werkwoord met zijn is: onderwerp + zijn + voltooid deelwoord.
- In ontkenning gebruik je vaak niet in voltooid tegenwoordige tijd.
| Vorm | Voorbeeld |
|---|---|
| zijn + geweest | Ik ben naar de bioscoop geweest. |
| zijn + gegaan | We zijn naar de cinema gegaan. |
| zijn + gekomen | Zij is laat gekomen. |
| zijn + begonnen | De film is begonnen. |
| zijn + gebleven | We zijn lang gebleven. |
| zijn + geworden | Hij is beroemd geworden. |
| zijn + gebeurd | Er is iets gebeurd in de cinemazaal. |
| zijn + gestopt | Zij is gestopt met naar de film te kijken. |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. We ____ na de vertoning nog even in de bioscoopzaal gebleven om de soundtrack te horen. We zijn na de vertoning nog even in de bioscoopzaal gebleven om de soundtrack te horen.
2. De film ____ precies om acht uur begonnen, dus we waren net op tijd. De film is precies om acht uur begonnen, dus we waren net op tijd.
3. Mijn collega is ____ meegegaan naar de première, want hij moest overwerken. Mijn collega is niet meegegaan naar de première, want hij moest overwerken.
4. Na die ontroerende scène ____ er in de zaal helemaal stil geworden. Na die ontroerende scène is het in de zaal helemaal stil geworden.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen in de voltooid tegenwoordige tijd met zijn (onderwerp + zijn + voltooid deelwoord). Let op de plaats van 'niet' bij ontkenningen.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
-
Ik ga na mijn werk naar de sportschool.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk ben na mijn werk naar de sportschool gegaan.
-
We komen om negen uur bij de klant.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldWe zijn om negen uur bij de klant gekomen.
-
De vergadering begint om half tien.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldDe vergadering is om half tien begonnen.
-
Mijn collega blijft na de training nog even in de kantine.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldMijn collega is na de training nog even in de kantine gebleven.
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies per vraag de zin die grammaticaal correct is.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.