De voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) drukt uit wat had kunnen gebeuren in het verleden, of wat je zou hebben gedaan in een bepaalde situatie.
- Regel: De voltooid verleden toekomende tijd wordt gevormd met de verleden tijd van zou(den) + het voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord + de hulpwerkwoorden hebben of zijn afhankelijk van het werkwoord.
- De voltooid verleden toekomende tijd gebruik je om aan te geven dat een actie of situatie in het verleden mogelijk had kunnen plaatsvinden.
- De voltooid verleden toekomende tijd gebruik je wanneer je twijfelt over wat er in het verleden zou hebben kunnen gebeuren.
- De voltooid verleden toekomende tijd gebruik je om te verwijzen naar een plan of idee dat je in het verleden had, maar nooit hebt uitgevoerd.
- De voltooid verleden toekomende tijd gebruik je om onwerkelijke of hypothetische situaties uit het verleden te beschrijven.
| Persoon | zou + voltooid deelwoord + hebben | zou + voltooid deelwoord + zijn |
|---|---|---|
| ik | zou verlof aangevraagd hebben | zou op reis geweest zijn |
| jij/je/u | zou verlof aangevraagd hebben | zou op reis geweest zijn |
| hij/zij/het | zou verlof aangevraagd hebben | zou op reis geweest zijn |
| wij/we | zouden verlof aangevraagd hebben | zouden op reis geweest zijn |
| jullie | zouden verlof aangevraagd hebben | zouden op reis geweest zijn |
| zij/ze | zouden verlof aangevraagd hebben | zouden op reis geweest zijn |
Uitzonderingen!
- In plaats van de voltooid verleden toekomende tijd gebruiken veel mensen tegenwoordig de verleden tijd.
- De voltooid voorwaardelijke tijd wordt gebruikt voor situaties die hadden kunnen gebeuren, maar niet gebeurden (hypothetisch), terwijl de voltooid verleden toekomende tijd verwijst naar situaties die in het verleden als toekomstig werden verwacht, maar niet plaatsvonden (terugblik op voorspellingen/plannen), waarbij beide tijdsvormen de structuur zou(den) + hebben/zijn + voltooid deelwoord volgen.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Als je het vorige week had gemeld, ______ waarschijnlijk al verlof aangevraagd hebben.
2. Zonder medisch attest ______ geen ziekteverlof gehad hebben.
3. Volgens de cao ______ bij een noodsituatie eerder naar huis gegaan zijn.
4. Ik dacht dat jullie in mei op reis geweest ______, maar het ging niet door.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen naar de voltooid verleden toekomende tijd (zou(den) + voltooid deelwoord + hebben/zijn).
-
Als ik eerder had geweten dat de vergadering om 9.00 uur begon, dan kwam ik op tijd.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAls ik eerder had geweten dat de vergadering om 9.00 uur begon, dan zou ik op tijd gekomen zijn.
-
Als zij jouw e-mail had gezien, dan reageerde ze meteen.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAls zij jouw e-mail had gezien, dan zou ze meteen gereageerd hebben.
-
Hij had graag mee gewild, maar hij was ziek. Daarom ging hij niet mee.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldHij zou graag meegegaan zijn, maar hij was ziek.
-
We hadden het contract vorige week willen tekenen, maar de manager was op vakantie. Daarom tekenden we niet.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldWe zouden het contract vorige week getekend hebben, maar de manager was op vakantie.
Oefening 3: Grammatica in actie
Instructie: Voer een kort gesprek en reconstrueer wat mogelijk gebeurd had kunnen zijn.
- Welke afspraken stonden in de cao of in je contract over verlof aanvragen?
- Wat zou jouw collega aangevraagd hebben als hij eerder geïnformeerd was geweest? Waarom?
- Volgens de cao had je recht op betaald verlof.
- Zij zou een vrije dag aangevraagd hebben om familiale redenen.
- Hij zou een medisch attest aangevraagd hebben voor ziekteverlof.
- Ik zou verlof aangevraagd hebben
- Zij zou op reis geweest zijn
- We zouden van tevoren aangekondigd hebben