Woordenschat (20)
Luisteren (luisteren)
Gebiedende wijs
| Luister! |
Uitkijken voor (uitkijken voor)
Gebiedende wijs
| Kijk uit voor! |
Zich hoeden voor (zich hoeden voor)
Gebiedende wijs
| Hoed je voor! |
Luisteren (luisteren)
Gebiedende wijs
| Luister! |
Uitkijken voor (uitkijken voor)
Gebiedende wijs
| Kijk uit voor! |
Zich hoeden voor (zich hoeden voor)
Gebiedende wijs
| Hoed je voor! |