In de indirecte rede staat de bijzin meestal in de verleden tijd als het werkwoord in de hoofdzin in de verleden tijd staat.
- In de indirecte rede worden verschillende verbindingswoorden gebruikt, zoals dat, waarom, hoe, of.
| Type zin | Directe rede | Indirecte rede |
|---|---|---|
| normale zin | Hij zei dat de overstroming veel schade had veroorzaakt. | |
| vragende zin | Hij vroeg waarom ze zich voor het milieu had ingezet. | |
| voorwaardelijke zin | Ze zei dat als je je inzette, het zou kunnen helpen. |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. De wethouder zei dat de gemeente strenger ___ gaan waken voor de luchtkwaliteit.
2. De inspecteur vroeg ___ het bedrijf zich aan het vergunningstelsel had gehouden.
3. De buurvrouw zei dat de vervuiling uit het industrieterrein ___ ontstaan.
4. De docent zei dat als iedereen zich meer inzette voor recycling, het ___ kunnen helpen.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Zet de directe rede om in indirecte rede: begin met de inleiding (zei/vroeg) en gebruik het juiste verbindingswoord (dat/waarom/hoe/of); zet de bijzin meestal in de verleden tijd. (Voorbeeld: “Ik heb tijd.” → Hij zei dat hij tijd had.)
-
"Ik werk morgen thuis," zegt mijn collega.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldMijn collega zegt dat hij morgen thuis werkt.
-
"Waar woon je nu?" vroeg de buurvrouw.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldDe buurvrouw vroeg waar ik nu woonde.
-
"Heb je de e-mail al gestuurd?" vroeg de teamleider.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldDe teamleider vroeg of ik de e-mail al had gestuurd.
-
"Hoe heb je dat probleem opgelost?" vroeg de klant.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldDe klant vroeg hoe ik dat probleem had opgelost.
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de correcte indirecte rede in de verleden tijd.