A1.12 - Seizoenen, maanden en delen van het jaar
Leer de seizoenen en maanden.
Beschrijf het weer in elk seizoen en elke maand.
Vertel wat je doet in welke maand van het jaar.
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.