1. Woordenschat (14)

Автобусът Show

De bus Show

Влакът Show

De trein Show

Трамваят Show

De tram Show

Такси Show

De taxi Show

Колата Show

De auto Show

Колоездене Show

Fietsen Show

Пешеходецът Show

De voetganger Show

Билетът Show

Het kaartje Show

Гарата Show

Het station Show

Купувам билет Show

Een kaartje kopen Show

Питам за посока Show

Om de weg vragen Show

Прекaчвaм се Show

Overstappen Show

Закъснявам Show

Te laat komen Show

Пристигане Show

Aankomst Show

2. Oefeningen

Oefening 1: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie

WhatsApp-bericht: Je krijgt een WhatsApp-bericht van een Bulgaarse vriend die je uitnodigt voor een eendaags uitstapje naar Plovdiv en vraagt hoe je wilt reizen en wanneer je kunt; antwoord en geef informatie over het vervoer en het tijdstip.


Здрасти,

В събота искам да отида до Пловдив. Искаш ли да дойдеш с мен?

Можем да пътуваме с влакът или с автобусът от гарата.
Влакът е в 9:00. Автобусът е в 10:00.

Кога е добре за теб? С какво искаш да пътуваме?
Ако искаш, аз купувам билет за двама.

Поздрави,
Мария


Hallo,

In het weekend wil ik naar Plovdiv gaan. Kun je misschien meegaan?

We kunnen met de trein of met de auto vanuit Gabrovo vertrekken.
De trein vertrekt om 9:00. De auto vertrekt om 10:00.

Wanneer zouden we willen vertrekken? Hoe wil jij dat we gaan?
Als het kan, koop dan alsjeblieft twee kaartjes.

Groeten,
Maria


Begrijp de tekst:

  1. Кои два вида транспорт предлага Мария за пътуването до Пловдив?

    (Welk vervoermiddel stelde Maria voor om naar Plovdiv te gaan?)

  2. Какво иска да знае Мария от вас за събота?

    (Wat vroeg Maria je te doen met betrekking tot kaartjes?)

Nuttige zinnen:

  1. Здрасти Мария,

    (Groeten Maria,)

  2. За мен е по-добре да пътуваме с…

    (Voor mij is het prima om te gaan met…)

  3. Часът в … е удобен за мен.

    (De trein om … past mij.)

Здрасти Мария,

Да, искам да дойда до Пловдив с теб.
За мен е по-добре да пътуваме с влакът. Часът в 9:00 е удобен за мен, защото сутринта имам време.
Моля те, купи билет за двама.

Поздрави,
Алекс

Groeten Maria,

Ja, ik kan met je meegaan naar Plovdiv.
Voor mij is het prima om met de trein te gaan. De trein om 9:00 past mij; daarna heb ik een afspraak.
Kun je alsjeblieft twee kaartjes voor ons kopen?

Groeten,
Aleks

Oefening 2: Een woord matchen

Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.

Автобусът е бавен днес, има голямо задръстване в центъра. (De bus is er eindelijk aangekomen, en hij is in het centrum aangekomen.)
Влакът за Пловдив тръгва от трета платформа след десет минути. (De toegangsweg naar Plovdiv loopt van de derde verdieping tot de bovenste verdieping.)
Искам да купя билет за метрото от тази каса. (Ik ga een kaartje kopen voor de metro vanaf de taxistandplaats.)
Таксито е удобно вечер, когато няма автобуси до вкъщи. (Taxi is een comfortabele rit, wanneer we de auto naar binnen brengen.)

Oefening 3: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Всеки ден аз ___ с автобус до работа.

(Elke dag gaan we 's ochtends ___ met de auto naar het werk.)

2. В неделя ние ___ билети за влака на гарата.

(In de winkel kopen we vaak ___ biljarten voor in huis.)

3. Извинете, как ___ до метрото от тук?

(Vertel me, hoe ___ je met de metro naar het werk?)

4. Той ___ трамвая на спирката пред офиса.

(Die ___ loopt naar het station vóór het kantoor.)

Oefening 4: Gesprekskaarten

Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 5: Reageer op de situatie

Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.

1. Ситуация 1: Ти си на автогара в София. Искаш билет за автобус до Пловдив за днес. Помоли жената на касата учтиво. (Използвай: „автобус“, „билет“, „до Пловдив“.)

(Situatie 1: Je bent in een taxi in Sofia. Je wilt naar de luchthaven van Plovdiv voor één dag. Vraag de chauffeur om langs het station te rijden. (Antwoorden: "taxi", "bus", "naar Plovdiv".))

Искам  

(Ik neem ...)

Voorbeeld:

Искам един билет за автобуса до Пловдив за днес, моля.

(Ik neem een taxi naar de luchthaven van Plovdiv voor één dag, alstublieft.)

2. Ситуация 2: Колега в офиса те пита: „Как идваш всеки ден на работа?“ Отговори кратко и ясно. (Използвай: „метро“, „време“, „работа“.)

(Situatie 2: Een collega op kantoor vraagt: "Hoe laat begint de werkdag?" Antwoord kort en vriendelijk. (Antwoorden: "uur", "tijd", "werkdag".))

Аз идвам  

(Ik begin om ...)

Voorbeeld:

Аз идвам с метро на работа. Пътуването е около двадесет минути.

(Ik begin om negen uur met werken. De pauze is ongeveer twee uur.)

3. Ситуация 3: Един приятел е турист в София. Той пита: „Как да стигна до летището?“ Обясни с градски транспорт. (Използвай: „линия“, „автобус“, „летище“.)

(Situatie 3: Een vriend plant een reis in Bulgarije. Hij vraagt: "Hoe ga je naar Letishte?" Antwoord met het openbaar vervoer. (Antwoorden: "lijn", "taxi", "vliegen".))

До летището  

(Naar het vliegveld ...)

Voorbeeld:

До летището можеш да отидеш с автобус линия 84. Спира на центъра и после на летището.

(Naar het vliegveld kun je met buslijn 84. Stap uit bij het centrum en loop naar het vliegveld.)

4. Ситуация 4: Ти си в трамвая в Пловдив. Контрольорът идва и иска да види билета. Какво казваш, когато даваш билета си? (Използвай: „трамвай“, „билет“, „заповядайте“.)

(Situatie 4: Je bent in het centrum van Plovdiv. De controleur stapt in en vraagt om je kaartje te zien. Wat zeg je wanneer je het ticket geeft? (Antwoorden: "controleur", "ticket", "toon".))

Ето  

(Hier is ...)

Voorbeeld:

Ето билета ми за трамвая, заповядайте.

(Hier is mijn ticket voor de tram, alstublieft.)

Oefening 6: Schrijfopdracht

Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen over hoe u naar uw werk of naar de universiteit in Bulgarije reist.

Nuttige uitdrukkingen:

Аз пътувам с ... / Всеки ден тръгвам в ... часа. / Най-често използвам ... , защото ... / Когато има закъснение, аз ...

Упражнение 7: Gespreksoefening

Инструкция:

  1. Опишете различните начини на транспорт, които виждате на снимките. (Beschrijf de verschillende manieren van vervoer die je op de foto's ziet.)
  2. Какъв транспорт използвате, за да отидете на работа или за ежедневните си дейности? (Welke vervoersmiddelen gebruik je om naar je werk te gaan of voor je dagelijkse activiteiten?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten

Voorbeeldzinnen:

Пътуваме до Испания със самолет.

We reizen met het vliegtuig naar Spanje.

Взимам автобуса за работа.

Ik neem de bus naar mijn werk.

Аз винаги карам колело до училище.

Ik fiets altijd naar school.

Вземам такси, за да отида до летището.

Ik neem een taxi om naar de luchthaven te gaan.

Ние пътуваме с влака до Мадрид.

We nemen de trein naar Madrid.

Всеки ден ходя 15 минути пеша до пекарната.

Elke dag loop ik 15 minuten naar de bakker.

...