Leer hoe je een diefstal meldt in het politiebureau met zinnen als 'Mon sac a été volé' (mijn tas is gestolen) en vraag om hulp bij de ambassade na verlies van documenten. Belangrijke woorden zijn bijvoorbeeld 'volé' (gestolen), 'plainte' (klacht) en 'urgence' (noodgeval).
Woordenschat (14) Delen Gekopieerd!
Oefeningen Delen Gekopieerd!
Deze oefeningen kunnen tijdens conversatielessen samen gedaan worden of als huiswerk.
Exercice 1: Gespreksoefening
Instruction:
- Wat voor nare dingen kunnen er op een reis gebeuren? (Wat voor nare dingen kunnen er op een reis gebeuren?)
- Wat kun je doen als het jou overkomt? (Wat kun je doen als het jou overkomt?)
- Is een van die situaties ooit bij u gebeurd? (Is een van die situaties ooit bij jou gebeurd?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Voorbeeldzinnen:
Votre argent peut être volé. Je geld kan gestolen worden. |
Quelqu'un peut voler votre sac. Iemand kan je tas stelen. |
Vous pouvez vous perdre en randonnée. Je kunt verdwalen tijdens een wandeltocht. |
Vous pouvez toujours demander de l'aide aux gens. Je kunt altijd mensen om hulp vragen. |
Il est important d'avoir une assurance voyage. Het is belangrijk om een reisverzekering te hebben. |
J'ai déjà perdu mon téléphone une fois. Ik ben mijn telefoon al eens kwijtgeraakt. |
... |
Oefening 2: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Hier, on m'a ___ mon sac dans le métro.
(Gisteren werd mijn tas in de metro ___ .)2. J'ai ___ de l'aide à la police après le vol.
(Ik heb de politie om hulp ___ na de diefstal.)3. Ils ont ___ le numéro d'urgence très rapidement.
(Ze hebben het alarmnummer heel snel ___.)4. L'assurance voyage a ___ mon voyage à cause de l'accident.
(De reisverzekering heeft mijn reis ___ vanwege het ongeluk.)Oefening 4: Een vakantie-ramp?
Instructie:
Werkwoordschema's
Voler - Stelen
Passé composé
- j'ai volé
- tu as volé
- il/elle/on a volé
- nous avons volé
- vous avez volé
- ils/elles ont volé
Atteindre - Aankomen
Passé composé
- j'ai atteint
- tu as atteint
- il/elle/on a atteint
- nous avons atteint
- vous avez atteint
- ils/elles ont atteint
Demander - Vragen
Imparfait
- je demandais
- tu demandais
- il/elle/on demandait
- nous demandions
- vous demandiez
- ils/elles demandaient
Appeler - Bellen
Passé composé
- j'ai appelé
- tu as appelé
- il/elle/on a appelé
- nous avons appelé
- vous avez appelé
- ils/elles ont appelé
Venir - Komen
Passé composé
- je suis venu(e)
- tu es venu(e)
- il est venu / elle est venue / on est venu(e)(s)
- nous sommes venus(es)
- vous êtes venu(e)(s)
- ils sont venus / elles sont venues
Annuler - Annuleren
Passé composé
- j'ai annulé
- tu as annulé
- il/elle/on a annulé
- nous avons annulé
- vous avez annulé
- ils/elles ont annulé
Grammatica Delen Gekopieerd!
We geven toe dat het niet het meest opwindende is, maar het is absoluut essentieel (en we beloven dat het zich zal terugbetalen)!
Werkwoordsvervoegingstabellen voor deze les Delen Gekopieerd!
Voler stelen Delen Gekopieerd!
Passé composé
Frans | Nederlands |
---|---|
(je/j') ai volé | ik heb gestolen |
(tu) as volé | jij hebt gestolen |
(il/elle/on) a volé | hij/zij/men heeft gestolen |
(nous) avons volé | wij hebben gestolen |
(vous) avez volé | jullie hebben gestolen |
(ils/elles) ont volé | zij hebben gestolen |
Atteindre bereiken Delen Gekopieerd!
Passé composé
Frans | Nederlands |
---|---|
(je/j') ai atteint | ik heb bereikt |
(tu) as atteint | jij hebt bereikt |
(il/elle/on) a atteint | hij/zij/men heeft bereikt |
(nous) avons atteint | wij hebben bereikt |
(vous) avez atteint | u hebt bereikt |
(ils/elles) ont atteint | zij hebben bereikt |
Zie je geen vooruitgang als je alleen studeert? Bestudeer dit materiaal met een gecertificeerde docent!
Wil je vandaag Frans oefenen? Dat is mogelijk! Neem vandaag nog contact op met een van onze docenten.
Vakantiemissers en hulp zoeken in het Frans
Deze les richt zich op het leren van Franse woordenschat en uitdrukkingen die je kunt gebruiken bij vervelende situaties tijdens je vakantie, zoals het aangeven van een diefstal, hulp vragen bij de ambassade en noodoproepen doen. Dit thema is geschikt voor het A2-niveau, waarbij je eenvoudige gesprekken kunt voeren en je kunt uitdrukken in alledaagse situaties die net iets buiten de standaardscenario's vallen.
Belangrijke communicatiesituaties
- Aangifte doen bij het politiebureau – leer hoe je een diefstal van persoonlijke bezittingen meldt en beschrijft. Bijvoorbeeld: "Mon sac à dos a été volé hier dans le train." (Mijn rugzak is gisteren in de trein gestolen.)
- Hulp vragen bij de ambassade – oefen gesprekken waarbij je informatie vraagt over het aanvragen van een nieuw paspoort of het melden van verlies van documenten. Bijvoorbeeld: "J'ai perdu mon passeport." (Ik ben mijn paspoort verloren.)
- Een noodoproep doen – leer hoe je snel en duidelijk hulp inroept bij noodgevallen, zoals een ongeluk of brand. Bijvoorbeeld: "Quelqu'un est tombé et s'est blessé dans la rue." (Iemand is gevallen en gewond geraakt in de straat.)
Voorbeelden van nuttige woorden en uitdrukkingen
- Voler (stelen), perdre (verliezen), signaler (melden), aide (hulp), documents (documenten), urgence (noodgeval), numéro d'urgence (alarmnummer)
- Veel gebruikte werkwoorden in de passé composé en imparfait, bijvoorbeeld: j'ai volé, je demandais, j'ai appelé, die typisch zijn voor het beschrijven van gebeurtenissen in het verleden
Belangrijke grammaticale punten
De les bevat verschillende werkwoordvervoegingen, vooral in de passé composé (verleden tijd), zoals bij voler (j'ai volé), atteindre (j'ai atteint), en appeler (j'ai appelé). Ook het gebruik van de imparfait komt voor, bijvoorbeeld bij demandais, wat een voortgaande handeling in het verleden beschrijft.
Opmerkingen over verschillen tussen het Nederlands en Frans
In het Frans worden veel werkwoorden gevormd met de passé composé om specifieke gebeurtenissen in het verleden te beschrijven, terwijl het Nederlands vaker simpel verleden tijd gebruikt. Bij hulpverlening is het Frans formeler en directer in het gebruik van vaste uitdrukkingen zoals "Je voudrais signaler..." in plaats van het informelere Nederlandse "Ik wil melden...". Daarnaast is de volgorde van woorden vaak anders, en let op het verschil in gebruik van soortgelijke woorden zoals "voler" (stelen) en "vliegen", die in het Nederlands hetzelfde zijn maar in het Frans apart worden gebruikt.
Nuttige Franse zinnen en hun Nederlandse equivalenten
- "Je voudrais signaler un vol." – "Ik wil graag een diefstal melden."
- "Avez-vous une description du sac ?" – "Heeft u een beschrijving van de tas?"
- "Quels documents faut-il apporter ?" – "Welke documenten moet ik meenemen?"
- "Les secours arrivent, restez calme." – "De hulpdiensten komen eraan, blijf kalm."