A2.4 - Op de luchthaven en in het vliegtuig
A2.4 - Op de luchthaven en in het vliegtuig

A2.4 - Op de luchthaven en in het vliegtuig - Spreken

À l’aéroport et dans l’avion


Exercice: Gespreksoefening

  1. Avec l'aide des images, décrivez ce que vous devez faire à l'aéroport et dans l'avion. (Met behulp van de foto's beschrijf wat je moet doen op het vliegveld en in het vliegtuig.)
  2. Aimes-tu prendre l'avion ? Pourquoi ou pourquoi pas ? (Hou je van vliegen? Waarom of waarom niet?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten