Praat over hygiëneproducten en -routines.
Leg uit welke hygiëneproducten je in de winkel wilt.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Maak ruimte in je badkamer met dit product
Grammatica: Bezittelijke voornaamwoorden (le mien, le tien, le sien, le nôtre, le vôtre, le leur)
Bezittelijke voornaamwoorden geven aan van wie een voorwerp is.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!