Einen neuen Kunden telefonisch betreuen.
Führe informelle Telefonate mit Freunden und Familie.
Ausdrücke, die man am Telefon verwenden kann.
Meistere telefonbezogenes Vokabular.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Professioneel telefoneren
Grammatica: Konjunktiv II (könnte, wäre, würde)
könnte, würde, hätte wordt met de uitgangen -e, -est, -e, -en, -et, -en en daarna het infinitief gevormd.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!