B1.31 - Huizenkijken en verhuizen
Haal je boekIn der Lage sein, sich auszudrücken, wenn man eine neue Wohnung sucht
Die häufigsten monatlichen Rechnungen im Haushalt
Sprich darüber, wie du in deine neue Wohnung ziehst
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Grammatica: De tijden van het werkwoord 'werden' (tegenwoordige tijd, onvoltooid verleden tijd, voltooid deelwoord)
StartenHet werkwoord 'werden' wordt in de tegenwoordige tijd, de onvoltooid verleden tijd en het voltooid deelwoord gebruikt om meestal passieve toestanden of handelingen uit te drukken. Voorbeelden: 'ich werde', 'ich wurde', 'ich bin geworden'.
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.