A2.34 - Aposentar-se
A2.34 - Aposentar-se

A2.34 - Aposentar-se - Vocabulário

Met pensioen gaan


Vocabulário (13)

Het pensioen

Het pensioen Mostrar

A pensão / A reforma Mostrar

De uitkering

De uitkering Mostrar

O subsídio / O benefício Mostrar

Het vrijwilligerswerk

Het vrijwilligerswerk Mostrar

O trabalho voluntário Mostrar

De vrije tijd

De vrije tijd Mostrar

O tempo livre Mostrar

Vrije tijd hebben

Vrije tijd hebben Mostrar

Ter tempo livre Mostrar

Het doel

Het doel Mostrar

O objetivo Mostrar

De mogelijkheid

De mogelijkheid Mostrar

A possibilidade Mostrar

Het risico

Het risico Mostrar

O risco Mostrar

Waarschijnlijk

Waarschijnlijk Mostrar

Provavelmente Mostrar

Beslissen

Beslissen Mostrar

Decidir Mostrar

Zich vervelen

Zich vervelen Mostrar

Aborrecer-se / Entediar-se Mostrar

Genieten

Genieten Mostrar

Desfrutar / Apreciar Mostrar

Met pensioen gaan

Met pensioen gaan Mostrar

Aposentar-se Mostrar

Zich vervelen (aborrecer‑se)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) verveel me
(jij/je) verveelt je
(hij/zij/ze/het) verveelt zich
(wij/we) vervelen ons
(jullie) vervelen je
(zij/ze) vervelen zich

Genieten (desfrutar)

Onvoltooid toekomende tijd (OTTk)


(ik) zal genieten
(jij/je) zult genieten
(hij/zij/ze/het) zal genieten
(wij/we) zullen genieten
(jullie) zullen genieten
(zij/ze) zullen genieten