A2.18 - Bezoek het platteland
A2.18 - Bezoek het platteland

A2.18 - Bezoek het platteland - Spreken

Bezoek het platteland


Oefening: Gespreksoefening

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

  1. Beschrijf de activiteiten op de afbeeldingen en geef een reactie daarop. (Beschrijf de activiteiten op de afbeeldingen en geef er commentaar op.)
  2. Waar ben je opgegroeid? Op het platteland of in de stad? (Waar ben je opgegroeid? Op het platteland of in de stad?)
  3. Moest je voor dieren zorgen? Boerderijdieren of huisdieren? (Heb je voor dieren moeten zorgen? Boerderijdieren of huisdieren?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten

Oefening: Schrijfopdracht (AI+)

Instructie: Schrijf een kort bericht (6 of 7 zinnen) aan een vriend of collega: nodig deze persoon uit voor een dag op het platteland en vertel wat jullie gaan doen en wat je moet meenemen. (AI+)

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Nuttige uitdrukkingen:

Zullen we zaterdag naar de boerderij gaan? / We kunnen eerst de schuur bekijken en daarna fietsen. / Neem alsjeblieft schoenen mee die vies mogen worden. / Ik wil graag de koeien en de molen zien.