Zelfstandig gebruik van aanwijzende voornaamwoorden

Zelfstandig gebruik van aanwijzende voornaamwoorden


Aanwijzende voornaamwoorden kan je zowel bijvoeglijk als zelfstandig gebruiken.

Deze / dit / die / dat: snel kiezen

Je kiest in 2 stappen:

  1. Afstand: dichtbij (hier) of veraf (daar)
  2. Woordsoort: de-woord of het-woord
Waar? de-woord het-woord
Dichtbij deze dit
Veraf die dat

Wanneer gebruik je ze? (aanwijzen, vergelijken, kiezen)

  • Dichtbij = in je hand, op je scherm, bij jou in de buurt: deze map, dit rapport
  • Veraf = verder weg, aan de andere kant, niet hier: die auto, dat gebouw
  • Ook figuurlijk (in een gesprek/tekst):
    Dit voorstel (waar we nu over praten) vs. dat voorstel (eerder genoemd / andere optie)

Zelfstandig gebruiken: als je het zelfstandig naamwoord weglaat

Je mag het zelfstandig naamwoord weglaten als het duidelijk is wat je bedoelt.

  • Met zelfstandig naamwoord: Vind je deze jas mooi of die jas?
  • Zonder zelfstandig naamwoord: Vind je deze mooi of die?

Let op: de keuze (deze/dit/die/dat) blijft afhangen van het woord dat je weglaat.

  • de stoeldeze/die: Neem deze.
  • het documentdit/dat: Ik bedoel dat.

Na een voorzetsel: dit is vaak de valkuil

Na een voorzetsel kun je het aanwijzend voornaamwoord ook zelfstandig gebruiken.

  • In dit verblijf zitten leeuwen, en in deze de tijgers.
  • Op dat kantoor werken accountants; op dit werken consultants.

Check jezelf: waar verwijst het naar?

  • in deze = in deze (ruimte/kooi/afdeling) → dus het weggelaten woord is een de-woord
  • in dit = in dit (gebouw/rapport/plan) → dus het weggelaten woord is een het-woord

Opsommingen: “een paar van deze” en “wat van die”

Bij hoeveelheden kun je verwijzen zonder alles te herhalen.

  • Neem een paar van deze en wat van die.
  • We behandelen deze punten vandaag; die doen we volgende week.

Tip: vaak gaat het hier om meervoud of meerdere dingen tegelijk, maar de keuze blijft: de-woord → deze/die, het-woord → dit/dat.

Snelle zelfcheck (3 vragen)

  1. Welk zelfstandig naamwoord bedoel ik? (ook als ik het weglaat)
  2. Is het een de-woord of het-woord?
  3. Is het dichtbij of veraf (letterlijk of figuurlijk)?

Kun je op alle drie antwoorden? Dan kies je bijna altijd meteen de juiste vorm.

  1. Het aanwijzend voornaamwoord kan een zelfstandig naamwoord vervangen als duidelijk is wat je bedoelt. Bijvoorbeeld: Vind je deze olifant mooi of vind je die mooier?
  2. Het aanwijzend voornaamwoord komt overeen met het geslacht en het lidwoord van het woord.
 de-woordhet-woord
Dichtbijdezedit
Verafdiedat

Uitzonderingen!

  1. Je kunt aanwijzende voornaamwoorden ook gebruiken na een voorzetsel. Bijvoorbeeld: In dit hok zitten leeuwen en in deze de tijgers.
  2. Je kunt aanwijzende voornaamwoorden ook gebruiken bij een opsomming. Bijvoorbeeld: Geef me een paar van deze en wat van die.

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Ik vind deze giraf mooi, maar ik vind ____ nog mooier.


2. De kinderen willen naar het olifantenverblijf, maar ik kies liever ____.


3. In dit landschap is het droog, en in ____ is het juist tropisch.


4. Mag ik een foto met deze aap en daarna met ____?


Oefening 2: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zin met het juiste aanwijzend voornaamwoord (deze / dit / die / dat).

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Toon/verberg hints
  1. Ik vind de stoel hier mooi.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Ik vind deze stoel mooi.
  2. Kun je het formulier hier invullen?
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Kun je dit formulier invullen?
  3. Ik koop de jas daar in de etalage.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Ik koop die jas in de etalage.
  4. Is het gebouw daar het gemeentehuis?
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Is dat gebouw het gemeentehuis?

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Kato De Paepe

Zakendoen en talen

KdG University of Applied Sciences and Arts Antwerp

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

donderdag, 07/05/2026 13:07