Aanwijzende voornaamwoorden kan je zowel bijvoeglijk als zelfstandig gebruiken.
- Het aanwijzend voornaamwoord kan een zelfstandig naamwoord vervangen als duidelijk is wat je bedoelt. Bijvoorbeeld: Vind je deze olifant mooi of vind je die mooier?
- Het aanwijzend voornaamwoord komt overeen met het geslacht en het lidwoord van het woord.
| de-woord | het-woord | |
|---|---|---|
| Dichtbij | deze | dit |
| Veraf | die | dat |
Uitzonderingen!
- Je kunt aanwijzende voornaamwoorden ook gebruiken na een voorzetsel. Bijvoorbeeld: In dit hok zitten leeuwen en in deze de tijgers.
- Je kunt aanwijzende voornaamwoorden ook gebruiken bij een opsomming. Bijvoorbeeld: Geef me een paar van deze en wat van die.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. Ik vind deze giraf mooi, maar ik vind ____ nog mooier.
2. De kinderen willen naar het olifantenverblijf, maar ik kies liever ____.
3. In dit landschap is het droog, en in ____ is het juist tropisch.
4. Mag ik een foto met deze aap en daarna met ____?
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zin met het juiste aanwijzend voornaamwoord (deze / dit / die / dat).
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Toon/verberg hints-
Ik vind de stoel hier mooi.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk vind deze stoel mooi.
-
Kun je het formulier hier invullen?⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldKun je dit formulier invullen?
-
Ik koop de jas daar in de etalage.⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk koop die jas in de etalage.
-
Is het gebouw daar het gemeentehuis?⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIs dat gebouw het gemeentehuis?