Onregelmatige voltooid deelwoorden
Haal je boekBij onregelmatige voltooid deelwoorden verandert de stam, zoals gebracht, gedacht, gezocht.
- De stam kan sterk veranderen bij onregelmatige werkwoorden.
| Infinitief | Voltooid deelwoord |
|---|---|
| brengen | gebracht |
| denken | gedacht |
| kopen | gekocht |
| zoeken | gezocht |
| hebben | gehad |
| doen | gedaan |
| gaan | gegaan |
| zijn | geweest |
| moeten | gemoeten |
| zitten | gezeten |
Uitzonderingen!
- Dit zijn veelvoorkomende onregelmatige werkwoorden, maar er zijn er nog meer.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. Ik ben naar het politiebureau ____ om mijn paspoort als kwijt te melden. Ik ben naar het politiebureau gegaan om mijn paspoort als kwijt te melden.
2. De agent heeft mijn verhaal rustig aangehoord en goed naar de details ____. De agent heeft mijn verhaal rustig aangehoord en goed naar de details gezocht.
3. Ik heb mijn telefoon gisteren in de trein laten liggen, maar ik heb hem niet ____. Ik heb mijn telefoon gisteren in de trein laten liggen, maar ik heb hem niet teruggekregen.
4. Bij de ambassade hebben ze mij gevraagd wat ik precies ____ voordat ik merkte dat mijn tas kwijt was. Bij de ambassade hebben ze mij gevraagd wat ik precies had gedaan voordat ik merkte dat mijn tas kwijt was.
Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zin in de verleden tijd (perfectum) met het juiste voltooid deelwoord.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
-
Ik breng de laptop naar de ICT-afdeling.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk heb de laptop naar de ICT-afdeling gebracht.
-
Wij denken goed na over de planning.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldWij hebben goed nagedacht over de planning.
-
Zij koopt een kaartje voor de trein.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldZij heeft een kaartje voor de trein gekocht.
-
Ik zoek mijn sleutel in mijn tas.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIk heb mijn sleutel in mijn tas gezocht.