Lessen

A2.15 - De regering en verkiezingen

A2.15 - De regering en verkiezingen - Oefeningen

Haal je boek

Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

het parlement — de Tweede Kamer
de regering — de ministers
de politieke partij — een partij met ideeën
stemmen — je stem uitbrengen

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis NL

Audio voorbereiden…


Gemeentebericht: stemmen bij de verkiezingen

Over twee weken zijn er . U kunt in uw eigen stembureau. Neem uw en een geldig identiteitsbewijs mee. In het stembureau kiest u één kandidaat of een op het stembiljet. Na het stemmen telt de gemeente de stemmen en komt later de officiële .

Nederland is een . De maakt plannen voor het land. Het controleert de regering en bespreekt nieuwe wetten. De minister-president is de leider van de ministers. De koning is het staatshoofd, maar hij beslist niet over het dagelijkse politieke beleid.

  1. Welke spullen moet u meenemen naar het stembureau en wat doet u daar?

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar de audio en beantwoord de vragen.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis NL

Audio voorbereiden…

Waar Onwaar

Oefening 4: Werkwoordsvervoegingen

Instructie: Kies de juiste oplossing

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Ik ___ ___ vorige week naar het gemeentehuis gegaan om mijn stempas op te halen.


2. Na de les over de politiek ___ ___ de belangrijkste partijen beter leren kennen.


3. Gisteren ___ ik voor de eerste keer bij de verkiezingen.


Oefening 5: Dialoogbegrip

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis NL

Audio voorbereiden…

Stemmen in het buurthuis

Sara (stembureau): Show Hoi Erik, ben jij ook hier om te stemmen?

Buurman Erik: Show Ja, ik ga zo stemmen. Heb je je stempas en je identiteitsbewijs bij je?

Sara (stembureau): Show Ja, die heb ik. Ik vind de politiek soms lastig — er zijn zoveel partijen.

Buurman Erik: Show Dat begrijp ik. Je stem is voor het parlement, en daarna wordt er een regering gevormd. De minister-president leidt die regering.

Sara (stembureau): Show Duidelijk, dank je wel. Dan ga ik nu naar binnen en stemmen.


Open vragen:

1. Waarom is Sara naar het buurthuis gekomen?

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Spreken: vertaal en beantwoord

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Nuttige uitdrukkingen:

Bij de vorige verkiezingen heb ik gestemd op ... / Ik ben naar het stembureau gegaan en heb gekozen voor ... / De regering beslist over ... en het parlement controleert ...

  1. Hoe heb je bij de laatste verkiezingen gestemd en waarom koos je die partij?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Kun je kort uitleggen wat de regering en het parlement doen en wie de minister-president is?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Brief schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.


Hoi! Morgen zijn de verkiezingen. Ga jij ook stemmen?

Ik twijfel nog tussen twee politieke partijen. Ik wil vanavond even de programma's lezen. Heb jij al gekozen?

Ons stembureau is in de bibliotheek (open tot 21:00). Als je wil, kunnen we samen gaan rond 19:30.

Groetjes,
Sanne (nummer 34)


Hoi! Morgen zijn de verkiezingen. Ga jij ook stemmen?

Ik twijfel nog tussen twee politieke partijen. Ik wil vanavond even de programma's lezen. Heb jij al gekozen?

Ons stembureau is in de bibliotheek (open tot 21:00). Als je wil, kunnen we samen gaan rond 19:30.

Groetjes,
Sanne (nummer 34)


Nuttige zinnen:

  1. Ik ga morgen stemmen, want ...

  2. Ik heb (nog) niet gekozen, maar ik denk aan ...

  3. Zullen we om ... bij ... afspreken?

Hoi Sanne,

Ja, ik ga morgen stemmen. Ik heb nog niet definitief gekozen; ik denk nu aan één partij, maar ik wil vanavond ook de programma's lezen.

19:30 is goed voor mij. Zullen we om 19:25 bij de ingang van de bibliotheek afspreken?

Groetjes,
[Je naam]

Nederlands leren voor anderstaligen: complete cursus op A2-niveau

ISBN 979-13-88253-47-8

Deze app ondersteunt dit boek.

Amazon.nl