Om naar het verleden te verwijzen, gebruiken we meestal de onvoltooid verleden tijd of de voltooid tegenwoordige tijd.
- De onvoltooid verleden tijd wordt gebruikt voor beschrijvingen van gebeurtenissen die achter elkaar in het verleden plaatsvonden.
- De onvoltooid verleden tijd wordt ook gebruikt voor gewoonten, langdurige handelingen of terugkerende gebeurtenissen uit het verleden.
- De voltooid tegenwoordige tijdwordt gebruikt bij acties die zijn afgerond.
| Gebruiksmoment | Tijdsvorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Gewoonte | ovt | Als kind woonde ik in Brussel. |
| Beschrijving | ovt | Het was koud en donker. |
| Gebeurtenis op een specifiek moment in het verleden | ovt | Gisteren stemde hij voor de eerste keer. |
| Twee handelingen vlak na elkaar | ovt | Hij kwam binnen en bracht het nieuws. |
| Afgeronde actie | vtt | Ze heeft gestemd en wacht op de uitslag. |
| Verandering of beweging | vtt | Hij is verhuisd naar Gent. |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Gisteren ___ ik voor het eerst voor de Tweede Kamer.
2. De afgelopen jaren ___ mijn broer in drie verschillende politieke partijen gewerkt.
3. Toen ik nog in mijn land ___, ___ ik het Nederlandse nieuws bijna nooit.
4. De minister-president ___ net op televisie geweest om over de verkiezingen te praten.
Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste zin die op correcte wijze de voltooid tegenwoordige tijd of de onvoltooid verleden tijd gebruikt, passend bij de context en volgens de Nederlandse grammatica.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen in de juiste verleden tijd: gebruik ovt voor gewoonten, beschrijvingen en gebeurtenissen, en vtt voor afgeronde acties of veranderingen.
-
Als kind woon ik in Groningen.
-
Het is koud en donker in het bos.
-
Gisteren stemt hij voor de gemeenteraad.
-
Hij komt binnen en hij brengt het slechte nieuws.⇒ _______________________________________________ ExampleHij kwam binnen en bracht het slechte nieuws.
Oefening 4: Grammatica in actie
Instructie: Vertel kort over eerdere verkiezingen en over wat je vandaag hebt gedaan.
- Hoe stemde je vroeger meestal en waarom?
- Wat heb je vandaag gedaan rondom de verkiezingen? Vertel stap voor stap (vtt/ovt).
- Vroeger woonde ik in … en ik stemde vaak op partij …
- Gisteren ben ik naar het stembureau gegaan en ik heb gestemd
- In die periode was de regering populair en er was geen oorlog
- onvoltooid verleden tijd (gewoonte, beschrijving, opeenvolgende gebeurtenissen)
- voltooid tegenwoordige tijd (afgeronde acties)