Tijd uitdrukkingen situeren gebeurtenissen in de tijd zoals deze week, gisteren, een tijd geleden.
- Deze tijdsuitdrukkingen kunnen gepaard gaan met de onvoltooid verleden tijd of de voltooid tegenwoordige tijd.
- 'Een tijd geleden' = onbepaalde tijd in het verleden.
| Tijdsuitdrukking | Voorbeeldzin |
|---|---|
| deze week | We hebben deze week in het zwembad getraind. |
| gisteren | Ze rende gisteren een lange afstand. |
| een tijd geleden | Een tijd geleden deed ik elke dag oefeningen. |
| vandaag | Vandaag heb ik een krachttraining gedaan. |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. _____ geef ik een extra yogales voor mensen met een druk kantoorleven.
2. _____ heb ik na het werk een uur in het zwembad getraind.
3. _____ deed ik elke ochtend oefeningen voordat ik naar kantoor ging.
4. _____ heb ik krachttraining gedaan omdat ik mijn conditie wil verbeteren.
Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste zin met de correcte tijdsuitdrukking en juiste tijdsvorm.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen. Gebruik een passende tijdsbepaling (deze week, gisteren, vandaag, een tijd geleden) en pas de werkwoordstijd aan als dat nodig is.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleGisteren maakte ik een wandeling in het park.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleDeze week heb ik in de sportschool getraind.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleEen tijd geleden deed ik nog wel krachttraining.
-
⇒ _______________________________________________ ExampleVandaag heb ik een gezond ontbijt gegeten.
Oefening 4: Grammatica in actie
Instructie: Vertel elkaar kort wat je deze week en vroeger aan training deed.
- Wat heb je deze week gedaan om fit te blijven?
- Wat deed je een tijd geleden om je conditie te verbeteren? Is dat nu anders? Waarom? (kort)
- Deze week heb ik in het zwembad getraind.
- Gisteren heb ik krachttraining met gewichten gedaan.
- Een tijd geleden deed ik elke dag yoga-oefeningen voor mijn conditie.
- deze week + voltooid tegenwoordige tijd
- gisteren + voltooid tegenwoordige tijd
- een tijd geleden + onvoltooid verleden tijd